Welkom Den Haag Tegen Geweld | Haagse sympatisanten. | Haagse politieke partijen | Haagse Raadsleden | Haagse Wethouders | Burgemeester Deetman | Nieuw Geweld in Den Haag | Aktie om het geweld te keren | Terra College 13 januari 2004 | Monumenten in beeld | Gastenboek | Ingezonden reactie | DiscussieForum. | Evenementen | Dieptepunten 2004-2005-2006-2007 | Politiek en Geweld. | School en Geweld. | Ontwikkelingen en Geweld. | Vertrouwen in Rechtssysteem | Strafmaat | Staat van het Recht | Bovenkamers Cellentekort | Herdenkingsbijeenkomsten.

'Levenslang moet worden versoepeld'
Van onze verslaggever Volkskrant 03.06.04

AMSTERDAM - De levenslange vrijheidsstraf moet worden versoepeld, vinden de vooraanstaande rechtswetenschappers De Roos en Kelk. Volgens hen is dat een goede manier om het zogenoemde 'strafgat' te dichten, het verschil tussen de maximale tijdelijke celstraf en het definitieve levenslang. Een Kamermeerderheid van CDA, PvdA en LPF wil het strafgat juist dichten door de maximale tijdelijke celstraf te verhogen van twintig naar dertig jaar.

Juristen: alternatief voor dichten 'strafgat'

Dinsdag bleek dat CDA, PvdA en LPF vasthouden aan dit in februari ingediende plan. Zij willen rechters de mogelijkheid geven dertig jaar celstraf op te leggen voor zware misdrijven als moord. Ook het kabinet wil het strafgat dichten, maar op een andere manier: minister Donner van Justitie schaft liever het automatisme van de vervroegde invrijheidstelling af. Door dit automatisme komt iemand die tot twintig jaar celstraf is veroordeeld, na 13,5 jaar vrij.

De rechtswetenschappers De Roos en Kelk willen het strafgat juist vanaf de andere kant dichten en de levenslange celstraf versoepelen. 'De Kamer heeft kennelijk om redenen van politieke profilering behoefte om het maximum op te krikken', zegt Theo de Roos, hoogleraar strafrecht in Leiden en advocaat in Amsterdam. 'Maar de sprong met levenslang blijft.'
Langere celstraffen werken volgens De Roos niet preventief. 'We hebben het hier over levensdelicten. De daders daarvan zijn vaak tbs-klanten, of het gaat om afrekeningen in het milieu. Hoger straffen helpt geen moer. In het voorstel van Donner mis ik de mogelijkheid van voorwaardelijke invrijheidstelling bij levenslang. In andere landen bestaat dat al. Na een jaar of twintig kun je bekijken of een levenslang gestrafte in aanmerking komt om voorwaardelijk vrij te komen. Zo doe je daadwerkelijk iets aan het gat met levenslang.'
Ook professor C. Kelk, hoogleraar strafrecht in Utrecht, voelt voor een systeem waarin levenslang niet per definitie levenslang is. 'Iedereen die is veroordeeld moet een perspectief hebben', zegt Kelk. 'Ik ben voor een procedure waarbij deskundigen bekijken of iemand voor voorwaardelijke invrijheidsstelling in aanmerking komt. De beslissing om iemand vrij te laten mag niet alleen afhankelijk zijn van de minister van Justitie.'
Hans Anker, strafrechtadvocaat in Leeuwarden, ziet wél iets in het voorstel van de Kamermeerderheid. 'Er is de laatste jaren een spectaculaire stijging van het aantal mensen dat levenslang krijgt. Uit rechterlijke beslissingen blijkt een soort worsteling met twintig jaar celstraf en levenslang. Een nieuw maximum van dertig jaar zou kunnen helpen. Levenslang moet een uitzondering blijven.'

Kamer: maak dertig jaar cel mogelijk
Door een onzer redacteuren

DEN HAAG, NRC 2 JUNI 2004. De Tweede Kamer wil voor de zwaarste delicten, zoals moord en doodslag, een celstraf mogelijk maken van dertig jaar. Nu is de maximumstraf nog levenslang of twintig jaar.

Die verhoging naar dertig jaar moet het gat dichten tussen de twee zwaarste sancties die het wetboek van strafrecht nu kent.

De Kamer wil over de hele linie de maximumstraffen voor geweldsdelicten verhogen. De strafmaat voor 'eenvoudige mishandeling' moet omhoog van twee naar vier jaar en voor zware mishandeling van vier naar zes jaar.

Dat bleek gisteren tijdens een debat in de Tweede kamer over herijking van de strafmaxima in het Wetboek van Strafrecht. CDA, PvdA en LPF drongen bij minister Donner (Justitie, CDA) aan op verhoging van de maximumstraf in de zwaarste categorieën tot dertig jaar. Donner is daar tegen. Hij wil rechters de mogelijkheid geven bij het opleggen van twintig jaar celstraf tegelijk te bepalen dat vervroegde invrijheidstelling niet mag plaatsvinden, zodat de twintig jaar celstraf ook effectief wordt uitgezeten. In het voorstel van de Kamer zou dertig jaar celstraf in combinatie met de automatische strafkorting van een derde ook leiden tot een feitelijke straf van twintig jaar.

Donner was wel positief over een voorstel van de LPF om verboden wapenbezit harder aan te pakken. Daarvoor staat nu drie maanden, maar dat schrikt bijvoorbeeld scholieren onvoldoende af om messen of andere wapens in bezit te hebben. Verder wil een meerderheid in de Tweede Kamer de straffen voor rijden onder invloed en het veroorzaken van verkeersongevallen door roekeloos gedrag verhogen. De VVD wil de maximumstraf voor huiselijk geweld verhogen van drie naar vier jaar. Daardoor kan voor deze delicten makkelijker voorlopige hechtenis worden opgelegd en heeft de politie meer armslag om bij huiselijk geweld op te treden.

Ook was een Kamermeerderheid voorstander van een voorstel van GroenLinks om mensen die een misdrijf hebben gepleegd bij de uitoefening van hun beroep een beroepsverbod te kunnen opleggen. Nu biedt alleen het tuchtrecht de mogelijkheid van dergelijke sancties. GroenLinks wil die sanctie ook opgenomen zien in het Wetboek van Strafrecht, zodat bij zware delicten als moord of doodslag de rechter een beroepsverbod kan opleggen. Woordvoerster Vos van GroenLinks denkt daarbij aan de zaak-Lucia de B., de verpleegster die patiënten onder haar hoede om het leven gebracht zou hebben. ,,In dergelijke zaken moet de officier van justitie de mogelijkheid hebben om zo'n beroepsverbod in zijn strafeis op te nemen en moet de rechter die sanctie ook kunnen opleggen. Zo'n beroepsverbod in het Wetboek van Strafrecht moet beperkt worden tot de categorie van de zwaarste misdrijven.''

Tweede Kamer stuurt aan op dertig jaar celstraf
ANP Volkskrant 01.06.04

DEN HAAG - Als het aan de Tweede Kamer ligt, komt er toch een celstraf van dertig jaar. Nu is de maximale tijdelijke celstraf nog twintig jaar, maar komen veroordeelden in de praktijk na ruim dertien jaar vrij. Minister Donner van Justitie ziet de strafmaatverhoging niet zitten.

De hoogst mogelijke straf is levenslang, wat in Nederland ook echt levenslang inhoudt. In ieder geval CDA, PvdA en LPF willen met de hogere celstraf van dertig jaar het gat tussen deze twee maximale strafmaten kleiner maken, zo bleek dinsdag in de Tweede Kamer. Overigens komen personen die tot dertig jaar zijn veroordeeld, dan ook na twintig jaar vrij omdat door de vervroegde invrijheidstelling eenderde van de straf eraf gaat.
Donner blijft erbij dat het verschil in hoogste strafmaten op een betere manier is op te lossen. Hij wil liever dat rechters de mogelijkheid krijgen om bij twintig jaar gevangenisstraf tegelijk te bepalen dat er geen vervroegde invrijheidstelling mag plaatsvinden. Dat zou betekenen dat zij ook echt twintig jaar vastzitten. De wijze waarop de Tweede Kamer het wil regelen, haalt in zijn ogen de opbouw van het hele strafsysteem onderuit.

CDA en PvdA vinden daarentegen dat Donner juist met zijn suggestie de opbouw onrecht doet. Zij wijzen erop dat rechters meer armslag krijgen als zij boven de twintig mogen uitkomen. Nu moeten zij bij zeer ernstige delicten kiezen tussen twintig jaar en levenslang. Haersma Buma (CDA) wijst erop dat rechters dan zwaarder kunnen straffen, maar minder vaak levenslang zullen opleggen.
Als de Kamer haar zin krijgt, zijn veroordeelden straks na twintig jaar niet echt van hun straf af. Donner heeft ook een voorstel in petto om allerlei voorwaarden te stellen aan de vervroegde invrijheidstelling. Binnenkort komen beide plannen weer aan de orde in de Kamer.
Verder lijkt een Kamermeerderheid voor hogere straffen voor mishandeling dan Donner zelf wil. Ook lijkt een voorstel van LPF'er Eerdmans steun te krijgen om de celstraf voor het bezit van steekwapens als stiletto's, werpsterren, boksbeugels en vlindermessen te verhogen van drie naar negen maanden. Ook ziet de Kamer veel in voorstellen van Tweede-Kamerlid Vos van GroenLinks om bedreiging door middel van een motorrijtuig strafbaar te stellen en mensen uit hun beroep te ontzetten als zij een misdrijf hebben gepleegd bij de beroepsuitoefening.    

Verjaring voor zwaar misdrijf gaat vervallen
Meerderheid Kamer steunt initiatief van CDA en D66
van onze redactie politiek
Trouw   2004-02-20  - lezersreacties op dit artikel (9)

DEN HAAG - Aan het verjaren van moord komt binnenkort tijd een eind. Ook mensen die zich schuldig maken aan andere misdrijven waarop maximaal twintig jaar cel of levenslang staat, lopen straks hun leven lang het risico dat ze strafrechtelijk worden vervolgd.

CDA en D66 zijn het hier met minister Donner (CDA, justitie) over eens geworden. Het initiatief-voorstel van CDA en D66 kan in principe rekenen op steun van een kamermeerderheid.

De twee fracties -nu in een coalitie met de VVD, maar toen nog respectievelijk regeringsfractie en oppositiepartij- hadden al in de zomer van 2002 een initiatief klaarliggen om de verjaring op te heffen. De fracties zagen steeds minder reden om vast te houden aan de regel dat mensen die een moord plegen vrijuit gaan mits ze er maar in slagen om achttien jaar lang uit handen van justitie te blijven.

Zij beriepen zich op DNA-technieken die het mogelijk maken daders te achterhalen, ook lang nadat de verjaringstermijn is verstreken. Destijds gold als een van de argumenten voor verjaring dat verklaringen van getuigen met het verstrijken van de tijd steeds onbetrouwbaarder worden.

De twee fracties kozen voor een eigen wetsvoorstel, omdat ze bij de vorige minister van justitie, de VVD'er Korthals, weinig gehoor vonden voor hun pleidooien. Korthals wilde niet verder gaan dan verlengen van de geldende termijnen, in het geval van moord tot dertig jaar.

Zijn opvolger Donner ging al een stap verder. Hij kwam kort na het initiatief van CDA en D66 met een eigen wetsvoorstel. Dat hief de verjaring in het geval van moord op. Voor andere delicten waarop levenslang staat, zoals doodslag onder verzwarende omstandigheden, wilde hij de verjaringstermijn verlengen van achttien naar dertig jaar.

Overleg met CDA en D66 heeft er nu toe geleid dat ook misdrijven als gijzeling of brandstichting, voorzover die iemands dood tot gevolg hebben, niet meer verjaren. Voor enkele andere delicten wordt de termijn verlengd.



Lezersreacties Geef uw reactie

Wat kan ik anders zeggen dan dit: Eindelijk! Goede zaak!

Juridische middelen moeten een gereedschap zijn tegen criminaliteit en mogen nooit een beletsel vormen. Tegen wil en dank vasthouden aan kromme wetgeving is een onduldbare vorm van conservatisme.

cato (20-02-2004, 09:47:29 uur)

Dit lijkt me een eerste stap in de goede richting , met name psychologisch gezien. Verjaring is een merkwaardig begrip in de strafwetgeving, waarschijnlijk gebaseerd op bijbelse begrippen als vergeving, genade en vergiffenis. Voor misdaad in het algemeen lijken mij deze begrippen niet van toepassing. Met name de Katholieke variant van het christendom is in wezen een aanmoediging tot misdaad.
Bukowsky (20-02-2004, 11:48:03 uur)

Helemaal mee eens. Ik hoop dat dit met terugwerkende kracht van kracht wordt!
carrie (20-02-2004, 12:08:15 uur)

Carrie, een wet kan nooit met terugwerkende kracht van kracht worden.
Gerard von Hebel (20-02-2004, 13:08:10 uur)

De aantijging van Bukowski begrijp ik niet helemaal.Ik ben katholiek en kan me niet herinneren door wie dan ook ooit tot misdaad te zijn aangezet.Indien hij refereerde aan de houding van het Vaticaan ten tijde van WOII zou hij echter gelijk hebben.Misdaad dient uiterst streng bestraft te worden en van verjaring kan,in mijn optiek nooit sprake zijn.Vergeving en genade zijn Bijbelse begrippen die niet van toepassing mogen zijn op de rechtspraak.Streng straffen is het enige dat door de misdadiger kan worden begrepen.Hoe ernstiger de misdaad,hoe langer en zwaarder de straf.Zware misdaad zou nooit mogen verjaren en dat men dat nu eindelijk in de wet wil gaan veranderen is alleen maar toe te juichen.Vergeving is een zaak van het hart, maar niet van de wet.En zo moet het blijven.
E.de Gruyter (20-02-2004, 13:41:26 uur)

Nog altijd die illusie dat wij, mensen ook maar iets weten over rechtvaardigheid, terwijl het gewoon over vergelding gaat.

Ja, meneer Bukowsky, stel je voor dat we anderen het ons aangedane leed vergeven... Waar blijven we dan?!? Psychologisch gezien heeft een slachtoffer er meer aan de dader te vergeven dan te straffen. En weet u wat krom is: "strafrecht". Dat is een contradictio in terminis. Straf heeft met recht namelijk helemaal niets te maken.

MisschienWelGekMaarNietDom (20-02-2004, 13:42:26 uur)

Als we elke psychologische vorm van zelfbedriegerij maar uit het wetboek laten. Vergeven? Hopelijk geen plicht van het slachtoffer, of gemakkelijke uitweg uit de schuldvraag. Wat een puinhoop zou het worden als slachtoffers van verkrachting voortaan maar beter behoren te genieten, als mensen die bestolen zijn de deugden van het immateriele bestaan worden bijgebracht, als de ouders van een vermoord kind wordt terechtgewezen over de vergeving van iemand die je nooit hebt willen kennen.

Sommige dingen zijn niet aan ons om te vergeven. Laat dat zo blijven. Soms is zelfs de zwaarste straf ontoereikend. Begrijp goed dat in dergelijke extremen het vergeven niet geloofwaardig meer kan zijn. Vergeving uit overmacht: WAT kun je in Godsnaam nog anders in je machteloosheid?

cato (20-02-2004, 14:38:13 uur)

Strafrecht is een hele normale term. Het probleem ligt bij MisschienWelGekMaarNietDom, die er wel een zeer persoonlijke definitie van geeft. Bovendien sprak ik niet over strafrecht maar over "strafwetgeving", d.wz. de mate waarin de wet misdaden bestraft. De Katholieke kerk heeft altijd een verwarrende invloed gehad op de houding van de mensen tegenover misdaad door enorm te hameren op begrippen als vergeving. Het is, zeker voor katholieke misdadigers, een stimulans om na de biecht en 20 ave maria"s, gewoon weer op pad te gaan. Het begrip verjaring is denk ik bewust of onbewust onstaan op basis van de vergevingdrang van de kerk.

Bukowsky (20-02-2004, 15:04:17 uur)

Wij Katholieken kennen ook het begrip "de Hel".wat bij ons bijzonder zwaar weegt.Wij kunnen vergeving krijgen door te biechten, maar sommige zonden zij zo zwaar dat er geen vergeving voor te bedenken valt.Met een paar Wees Gegroetjes zijn wij er nog niet van af. Gelukkig maar, want anders zou het begrip "Hel" geen enkele functie hebben. Wij Katholieken zullen ons dus altijd dienen te bedenken dat we door zwaar te zondigen in de "Hel" zullen eindigen. Dat nu dient dus juist een waarschuwing te zijn voor mensen die criminateit bedrijven.Echter, na het Tweede Vaticaans Concilie is de angst voor de hel bij veel Katholieken een beetje verdwenen.En dat is nu precies het probleem.Geloof in God, vagevuur en hel zouden de mens moeten leiden in het leven.Plus uiterst zware wereldlijke straffen.
E.de Gruyter (20-02-2004, 16:24:49 uur)

Wetsvoorstel D66 en CDA:

Zware misdrijven niet laten verjaren


Door een onzer redacteuren

DEN HAAG, NRC  19 FEBR. 2004  De verjaringstermijn voor misdrijven waar twintig jaar cel of levenslang op staat, moet worden geschrapt. Dat stellen D66 en CDA in een initiatiefwetsvoorstel dat zij volgende week indienen.

Minister Donner van Justitie steunt het voorstel. Het schrappen van die categorie verjaringen moet het mogelijk maken om zware misdrijven met nieuwe opsporingstechnieken, zoals DNA, ook na geruime tijd nog op te lossen. Naar verwachting zal dit wetsvoorstel een meerderheid krijgen in de Tweede Kamer. D66-Kamerlid Dittrich wist in 2000 al het CDA achter zijn voorstel te krijgen. De PvdA heeft inmiddels laten weten ook positief tegenover het voorstel te staan.

Als de wet van kracht wordt, geldt die voor alle zaken waarvan de verjaringstermijn op dat moment nog niet is verlopen. Volgens initiatiefnemer Dittrich, inmiddels fractievoorzitter, kan de wet in januari 2005 van kracht worden. Zaken vallen dan met terugwerkende kracht tot 1987 onder het nieuwe regime. Voormalig minister Korthals van Justitie stelde in 2000 in reactie op vragen van Dittrich onderzoek in naar de mogelijkheden om die verjaringstermijn af te schaffen. Dat onderzoek leidde in 2002 tot een wetsvoorstel dat Korthals' opvolger Donner direct na zijn aantreden voor advisering naar de Raad van State stuurde. Donner overlegde vervolgens op verzoek van de Raad van State met CDA en D66 om beide wetsvoorstellen samen te voegen omdat ook Dittrich zijn initiatiefwetsvoorstel naar de raad had gestuurd.

In zijn oorspronkelijke wetstekst wilde Donner nog niet zover gaan als Dittrich. Zo wilde de minister in eerste instantie geen volledige afschaffing van de verjaringstermijn bij zaken waar levenslang voor staat, maar een verhoging van achttien naar dertig jaar. In het overleg is hij alsnog akkoord gegaan met volledige afschaffing.

Voor misdrijven waar een maximumstraf van tien jaar voor staat, zoals doodslag, wordt de verjaringstermijn verhoogd van vijftien naar twintig jaar. In het jeugdstrafrecht, waar nu de helft van de verjaringstermijnen van het gewone strafrecht geldt, wordt die termijn in de zwaarste categorie opgeschroefd van negen naar twintig jaar. De verjaringstermijnen voor andere delicten in het jeugdstrafrecht worden in het initiatiefwetsvoorstel niet gewijzigd.

D66 ziet het wetsvoorstel ook als middel om de positie van slachtoffers te verbeteren. Indien nieuwe feiten aan het licht komen, hebben zij het recht ook na lange tijd nog te kunnen rekenen op (her-)opening van het onderzoek.

In Duitsland, Groot-Brittannië en Denemarken kent het strafrecht al geen verjaringstermijn voor moordzaken. Bij het opstellen van het Nederlandse wetboek van strafrecht in de negentiende eeuw ging men er van uit dat de toedracht van misdrijven na achttien jaar nauwelijks meer te achterhalen was. Toen vond men het een gepaste straf dat een moordenaar die de wijk nam naar het buitenland, ballingschap over zich afriep.

 

Verjaringstermijn moord wordt geschrapt
ANP
Volkskrant 19.02.04  DEN HAAG - De verjaringstermijn van misdrijven waar een levenslange gevangenisstraf op staat wordt geschrapt. D66 en CDA hebben daarover overeenstemming bereikt met minister Donner van Justitie. Het wetsvoorstel wordt volgende week naar de Tweede Kamer gestuurd, aldus donderdag initiatiefnemer Dittrich van D66.

Volgens het Tweede-Kamerlid kan de nieuwe wet als alles vlot verloopt begin volgend jaar van kracht worden. Aan het compromis tussen het initiatiefwetsvoorstel van D66 en CDA en het voorstel van minister Donner is ruim een half jaar gewerkt. De nieuwe voorstellen sluiten beter aan bij de rechtspraktijk in andere Europese landen.

Naast het schrappen van de verjaringstermijn van achttien jaar voor misdrijven als moord en gijzeling of brandstichting met de dood tot gevolg worden verjaringstermijnen voor zware delicten als doodslag en moord door minderjarigen fors opgehoogd. Voor doodslag gaat de verjaringstermijn omhoog van vijftien naar twintig jaar en in het jeugdstrafrecht gaat de verjaringstermijn voor moord omhoog van tien naar twintig jaar.

De discussie over de verjaringstermijnen werd drie jaar geleden door Dittrich aangezwengeld. Hij wees erop dat met de moderne opsporingstechnieken, zoals DNA-onderzoek, een moord ook na tientallen jaren nog op te lossen is. Bovendien week het strafrecht in Nederland wat dit betrof sterk af van omringende Europese landen zoals het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Denemarken en Oostenrijk.

De toenmalige minister van Justitie Korthals voelde echter niets voor de plannen van D66. Hij stelde zich op het principiële standpunt dat er ergens een punt achter een misdrijf gezet moest worden.

Zijn opvolger Donner dacht daar anders over en ging zelf aan de slag met voorstellen om de wet te wijzigen. De Raad van State, die het voorstel van D66 en CDA al had becommentarieerd, wees de minister erop dat het toch wel vreemd was dat hij bij het college een soortgelijke wetswijziging indiende als de Kamer. De betrokken partijen zijn vervolgens om de tafel gaan zitten en hebben deze week definitief overeenstemming bereikt, aldus Dittrich.

OM mag straf opleggen
ANP Volkskrant 06.02.04

DEN HAAG - Officieren van justitie gaan straffen opleggen. Om de druk bij de rechtbanken weg te nemen krijgen de officieren de bevoegdheid geldboetes, een ontzegging van de rijbevoegdheid van maximaal een halfjaar en een taakstraf van hoogstens 180 uur op te leggen. Dat heeft het kabinet vrijdag besloten.


De nieuwe regeling is alleen van toepassing op delicten waar een gevangenisstraf van ten hoogste zes jaar op staat, onder meer vernielingen, winkeldiefstal en rijden onder invloed. Het Openbaar Ministerie mag echter geen celstraffen opleggen, dat blijft voorbehouden aan de rechter.

Door de invoering van het wetsvoorstel is het OM straks niet meer afhankelijk van de medewerking van een verdachte. Nu is het zo dat na vele tussenstappen een zaak uiteindelijk voor de rechter komt als de verdachte een transactie niet betaalt. Daar komt verandering in. Als de verdachte weigert te betalen, kan het OM zelf het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB) inschakelen om de boete te innen. Verder moet een verdachte die het niet eens is met de strafbeschikking van het OM en wil dat een rechter naar zijn zaak kijkt, daar zelf het initiatief voor nemen.

Uit berekeningen van het ministerie van Justitie blijkt dat het OM ongeveer 44.000 kantonzaken en 21.000 rechtbankzaken die in 2002 voor de strafrechter zijn gekomen, met de nieuwe maatregel had kunnen afdoen.

Ook de politietransactie wordt omgezet naar een strafbeschikking, wat inhoudt dat het karakter en de gevolgen van een opgelegde boete veranderen. Als iemand een boete accepteert, moet hij ook betalen. Doet hij dat niet, dan staat het CJIB bij hem op de stoep. Het gaat in dit geval onder meer om zwaardere verkeersovertredingen, openbare dronkenschap en het verkopen van spullen op straat zonder vergunning.

De Raad voor de Rechtspraak is in principe niet tegen buitengerechtelijke afdoening, maar ziet niet dat rechters 'ineens enorme ruimte krijgen in het afdoen van zaken', aldus een woordvoerster. 'In zekere zin levert het wel een ontlasting op, maar de effecten zijn gematigd.'

 
Parket mag straf gaan opleggen
Donner laat principe vallen dat slechts rechter toekwam
van onze redactie politiek
Trouw  2004-02-07

DEN HAAG - Het openbaar ministerie (OM), in de persoon van de officier van justitie, krijgt de bevoegdheid om zelfstandig, buiten de rechter om, straffen op te leggen. Als een burger daartegen niet in verzet komt, erkent hij daarmee schuld aan het voorgevallene en staat de straf vast.
Dat is de strekking van een wetsvoorstel van minister Donner (CDA) van justitie, waarmee de ministerraad gisteren heeft ingestemd. Vrijheidsstraffen vallen buiten het wetsvoorstel. Het opleggen daarvan blijft de exclusieve bevoegdheid van de rechter. Maar Donner laat met zijn voorstel wel het principe los dat alleen een rechter de schuld van een verdachte mag vaststellen en een straf mag opleggen.

Nu al kan het openbaar ministerie een burger die de wet overtreedt een transactie aanbieden. Dat gebeurt honderdduizenden keren per jaar. Door het betalen van de boete voorkomt de burger vervolging en bestraffing. Het OM kan ook een taakstraf aanbieden, van maximaal 120 uur. Als de burger niet reageert op het aanbod, is de officier van justitie verplicht de zaak voor te leggen aan de rechter.

In het nieuwe systeem wordt dat omgedraaid én krijgt het OM meer sanctiemogelijkheden. Naast de boete (waarvan de hoogte afhangt van de ernst van het delict) kan de officier ook voor hoogstens zes maanden iemands rijbewijs innemen. Het maximum van de taakstraf gaat van 120 uur naar 180 uur.

Als het openbaar ministerie een strafbeschikking heeft uitgevaardigd heeft de burger twee weken bedenktijd. Tekent hij binnen die termijn geen protest aan, dan staat de straf -en daarmee ook de schuld- vast.

De nieuwe regeling geldt voor alle delicten, zo lang er maar niet meer dan maximaal zes jaar cel op staat. Maar het openbaar ministerie zal de strafbeschikking in het algemeen toepassen bij de meer eenvoudige zaken. Te denken valt bijvoorbeeld aan vernieling, winkeldiefstal, rijden onder invloed, doorrijden na een aanrijding.

Donner wil ook de boetes die politiefunctionarissen kunnen opleggen omzetten in strafbeschikkingen. Het gaat daarbij om maximaal 350 euro.

Een belangrijke reden voor het wetsvoorstel is het ontlasten van de rechters. Rechtbanken en kantonrechters verwerkten in 2002 zo'n 430000 strafzaken. Volgens justitie zouden het er onder het nieuwe regime ongeveer 65000 minder zijn geweest. Het voorstel van Donner gaat eerst voor advies naar de Raad van State, voordat het bij de Tweede Kamer wordt ingediend.

De minister van justitie broedt ook op meer maatregelen tegen het aanhoudende cellentekort. In het Algemeen Dagblad van gisteren heeft hij het over sobere inrichtingen voor het uitzitten van kortere straffen. Bajesboten sluit hij ook niet uit.

Donner schat dat er over drie jaar, ondanks de bouw van nieuwe gevangenissen en het plaatsen van twee gedetineerden op één cel, nog een tekort zal zijn van 1700 plaatsen. Dat komt door meer en langere straffen.

Kamer wil celstraf van dertig jaar invoeren
van onze redactie politiek
2004-01-23 Trouw   - lezersreacties op dit artikel (13)

DEN HAAG - Een meerderheid in de Tweede Kamer wil de tijdelijke straf op zware delicten, zoals moord, verhogen naar dertig jaar. De fracties van CDA, PvdA en LPF vinden de afstand tussen de nu geldende maximale tijdelijke celstraf -20 jaar- en levenslang, wat in Nederland in principe ook echt levenslang is, te groot.

Binnenkort behandelt de Tweede Kamer de herijking van de strafmaxima. De volksvertegenwoordiging bekijkt dan of de maximumstraffen, zoals die nu in Nederland gelden, nog wel passend zijn.

Een meerderheid in de Tweede Kamer wil de rechters ruimere mogelijkheden geven om bij de zwaarste delicten meer variatie aan te brengen in de straftoemeting. Het CDA-kamerlid Van Haersma Buma heeft daartoe een voorstel klaarliggen voor wetswijziging. Het amendement kan rekenen op steun van de fracties van PvdA en LPF.

Een maximumstraf van dertig jaar cel komt in de praktijk neer op twintig jaar brommen. Iemand die nu tot twintig jaar wordt veroordeeld, mag erop rekenen dat hij bij goed gedrag na dertien jaar vrij komt.

PvdA'er Wolfsen en LPF'er Eerdmans zijn het met de redenering van Van Haersma Buma eens. VVD-kamerlid Griffith houdt nog een slag om de arm. Al heeft ze wel te kennen gegeven dat zij voor zwaardere maximumstraffen is, zoals ook in het voorstel van minister Donner (CDA) van justitie staat. Immers, zo redeneert kamerlid Griffith, mensen worden ouder én beginnen op steeds jongere leeftijd met criminaliteit.

 

Lezersreacties Geef uw reactie

Met dat calvinistische woordje "straf" wordt altijd die wraakgedachte maar benadrukt, terwijl waar we met zijn allen het meest behoefte aan hebben gewoon "veiligheid" is. Of het nu een gek is die 110 km door de stad rijdt, een sexueel misbaksel die het heerlijk vindt wat hij gedaan heeft of een ouderwetse moordenaar, wat koop ik er voor dat wij de publieke ruimte met hen -al of niet inmiddels tot inkeer gekomen maar nog altijd even gek- moeten delen? Als mensen door hun criminele handelen -dat kan ook een opeenstapeling van kleinere feiten zijn- tot overlast zijn, moeten ze in bewaring worden gesteld en punt! Hoe lang? The sky is the limit.
cato (23-01-2004, 09:10:00 uur)

Straf is óf wraak óf een manier om misdadigers van de straat te houden. In beide gevallen heeft, naar mijn opvatting, de maatschappij evenzeer verloren als wanneer deze misdadigers vrij rondlopen. Het is wel verleidelijk, natuurlijk, om "het slechte" buiten onszelf te plaatsen en weg te bergen, alsof het dan niet meer bestaat, maar het ligt nu eenmaal niet zo zwart/wit. Ook iemand die misdaden pleegt, is niet wat hij of zij doet; een mens is altijd veel meer dan alleen enkele van zijn of haar handelingen. Zodra we het medemens zijn van misdadigers erkennen, is straf of opbergen niet meer toereikend. Heropvoeden en [her]opnemen in de samnleving lijkt mij de enige oplossing.
MisschienWelGekMaarNietDom (23-01-2004, 09:40:19 uur)

Met het eerste zinsdeel van Cato ben ik het eens, met het tweede niet. Veiligheid is een betrekkelijk en idealistich begrip. Waar we wel wat aan hebben is in plaats van straffen zonder meer opvoeden c.q. heropvoeden. En vooral ook aan het wegwerken van ernstige sociale onevenwichtigheden die de oorzaak zijn van veel misdaad.
Dit voorstel van de politiek zal niets oplossen!

dicck (23-01-2004, 09:50:24 uur)

Een misdaad begaan door een lid van een maatschappij is m.i. altijd ook een beetje een misdaad van iedereen in die maatschappij. Ik ben het eens met het commentaar van Welg.m.n.dom op dit punt om die reden.
w.kuijk (23-01-2004, 10:07:18 uur)

Dit voorstel lost inderdaad niets op, maar dat is nog geen reden er tegen te zijn. Het vergroten van de veiligheid zal moeten komen van een consequente handhaving van de bestaande wetten.
M.Nieuweboer (23-01-2004, 10:18:40 uur)

"Straf" is zeker niet typisch een calvinistisch woordje. Kijk maar naar Thailand en alle landen waar de straffen voor misdaden van vergelijkbare aard veel en veel hoger liggen dan in calvinistische of zgn christelijke landen, misschien de VS uitgezonderd.
kuijk (23-01-2004, 10:31:03 uur)

Beter was het geweest de "automatische korting" af te schaffen, en dan de daadwerkelijke straftijd meer af te laten hangen van het gedrag/opstelling/persoonlijke ontwikkeling tijdens de detentie.
Als dat kennelijk niet kan, geeft dit voorstel de rechter in ieder geval wat meer mogelijkheden. Vergeet ook niet dat de kans op "levenslang" door dit voorstel kleiner wordt.

Ers (23-01-2004, 10:41:20 uur)

Het zal eens een keer tijd worden!
Nou nog een consequenter beleid m.b.t aanpakken van de overtreders, van door rood licht fietsen t/m coke-smokkelen en moord.
Die Baarnse zaak werd ook maar jaren op zijn beloop gelaten ondanks diverse aanwijzingen dat er iets mis was.
Justitie moet trouwens geweldsmisdrijven zonder dodelijke afloop ook veel harder aanpakken, je komt met iemand in voorgoed in coma slaan juridisch goed weg, het slachtoffer leeft immers nog, terwijl coma eigenlijk ook dood betekent kan de dader dan niet voor moord of doodslag worden vervolgd.

GEENZINAN (23-01-2004, 11:14:08 uur)

Laten we dan ook meteen de doodstraf weer invoeren. In een tijd van terrorisme is dat geen overbodige luxe.
Hans (23-01-2004, 12:45:07 uur)

Een straf van dertig jaar? wat moet je daar voor doen? aangezien bijv. Volkert v/d G. met twaalf jaar weer vrij is na een standrechtelijke executie op Pim Fortuyn, detentie komt ongeveer op zo"n 350 euro per dag per gedetineerde, rekent U maar eens uit wat dat kost over een tijdspan van dertig jaar! Nee een simpele doodstraf is daarom veel beter voor onze economie en geeft mensen wederom het gevoel dat er weer recht is in Nederland ipv dat softe beleid, gaat U maar eens kijken hoe een cel eruit ziet van zo"n lang gestrafte, een hotel in bijv. Polen ziet er slechter uit en daar moet U zelf voor betalen.
De econoom (23-01-2004, 12:50:12 uur)

Het is niet te verwachten dat het effect van verhoging van gevangenisstraffen op zware delicten het aantal zware delicten drastisch zal terugbrengen. Effectiever lijkt het mij om een zeer drastische verhoging van geldstraffen in te voeren, met name ook op kleinere delicten, maar ook op zware delicten. Het is misschien zelfs beter wanneer iemand na tien jaar vrij komt en daarna voor een periode van twintig jaar 50% van zijn inkomen moet afdragen aan de staat. Dat werkt behoorlijk kosten besparend.
Geldstraffen werken preventiever dan feitelijke gevangenisstraffen, zeker wanneer die geldstraffen enorm hoog zijn.

Bukowsky (23-01-2004, 15:11:30 uur)

Prima dat 30 jaar ingevoerd gaat worden.
Ook bij afschaffing van de "korting" op 20 jaar blijft er een gat zitten tussen levenslang.
De rechter heeft dan tenminste meer keuze in strafoplegging.

jansen (23-01-2004, 16:10:02 uur)

30 jaar helemaal mee eens en 4 op een cel en voor seriemoordenaars en terroristen de doodstraf. Zou ook willen zien dat gedetineerden meer in de kosten van hun verblijf gaan bijdragen.
h Scholte (23-01-2004, 16:51:28 uur)

 

Staat van het Recht / Hoe zwaarder de straf, hoe beter


2004-01-14

Grafiek behorend bij het Trouw-onderzoek 'Staat van het Recht 2004'Het vertrouwen in justitie en politie kalft verder af. Misdaden worden meer en meer toegeschreven aan allochtonen. Maar de roep om een strenger vreemdelingenbeleid wordt minder, en steeds minder Nederlanders zijn voor de doodstraf. Trouw onderzocht, net als vijf jaar geleden, het denken van de Nederlanders over de rechtsstaat. In de Verdieping staan vandaag de belangrijkste resultaten van de nieuwe Staat van het Recht.

Grafiek behorend bij het Trouw-onderzoek 'Staat van het Recht 2004'Politie en justitie hebben een imago-probleem. Korpschefs van de grote steden kunnen in hun nieuwjaarspraatjes nog zo hard roepen dat het veiliger is geworden op straat, de burger voelt dat niet zo.

Begrijpelijk, een op de drie Nederlanders (33 procent) kwam vorig jaar in aanraking met vormen van criminaliteit. Vooral vernieling, auto- en woninginbraak, beroving en bedreiging. Op alle misdaadfronten steeg de score, in vijf jaar gemiddeld met zes procent. Hoezo veiliger?

De Nederlanders zijn onverminderd negatief over het strafrechtsysteem, blijkt uit de Trouw-enquête naar de Staat van het Recht anno 2003. TNS-Nipo legde in opdracht van deze krant aan een representatieve groep van 1088 volwassen Nederlanders een lijst voor met dertig stellingen en vragen over recht en samenleving.


Twintig vragen van de lijst werden vijf jaar geleden bij een identieke steekproef ook gesteld. In de Staat van het Recht anno 1998 viel op dat voor het eerst Nederlanders zich duidelijk uitlieten over de grote rol van allochtonen in de criminaliteit. Dat beeld heeft zich versterkt: zeven op de tien burgers (70 procent) onderschrijft nu de stelling dat allochtonen vaker misdaden plegen. In 1998 was iets meer dan de helft van de Nederlanders die mening toegedaan. In 1991 is dezelfde vraag gesteld aan een representatieve groep Nederlanders, toen was krap een kwart het met de stelling eens.

De tendens deze vraag bevestigend te beantwoorden zet door. Hieruit blijkt dat het onderwerp allochtonen en criminaliteit niet langer taboe is. Dat is volgens de ondervraagden deels het gevolg van de opkomst van Pim Fortuyn. Bijna twee op de drie Nederlanders vindt dat sinds Fortuyn de echte problemen in de samenleving bespreekbaar zijn geworden.


Grafiek behorend bij het Trouw-onderzoek 'Staat van het Recht 2004'

Maar: een strikter vreemdelingenbeleid wordt anno 2003 veel minder gezien als een oplossing om de criminaliteit te bestrijden. In 1998 was 90 procent van de Nederlanders nog die mening toegaan. Dat percentage is gezakt tot 74 procent. Alleen ouderen (82 procent) zien een scherper toelatingsbeleid nog als een optie én onder de aanhang van de VVD is 88 procent voorstander van een harder vreemdelingenbeleid.

De Staat van het Recht anno 2003, waaraan ook ditmaal is meegewerkt door de Erasmus Universiteit, toont aan dat er onder Nederlanders nog meer dan in 1998 aanzienlijke ontevredenheid heerst over politie en justitie. Weliswaar vindt driekwart dat het strafrechtsysteem een belangrijke bijdrage levert aan het goed functioneren van de samenleving, een ruime meerderheid (67 procent) zegt geen vertrouwen te hebben in de misdaadbestrijding. Vier van de vijf Nederlanders vindt dat de politie te weinig respect afdwingt bij het optreden in het openbaar. Nog steeds menen veel burgers dat er in Nederland sprake is van klassenjustitie: met een dure advocaat ontloop je eerder straf, denkt liefst 80 procent.


Grafiek behorend bij het Trouw-onderzoek 'Staat van het Recht 2004'

Uit de Trouw-enquête klinkt de roep om harder en vaker optreden, strengere straffen, meer agenten op straat en meer bevoegdheden voor de politie. Vooral CDA- en VVD-kiezers (91 en 89 procent) denken dat het beter is voor de samenleving als er vaker naar het strafrecht wordt gegrepen en de straffen zwaarder worden.

Driekwart van de burgers vindt dat rechters te soepel zijn. De rechterlijke macht zelf denkt daar fundamenteel anders over, bleek afgelopen najaar uit een enquête van het weekblad Vrij Nederland. Van de rechters was 76 procent het oneens met de stelling dat de straffen in Nederland te laag zijn.

Meer dan ooit wil de burger meer politie zien op straat. Bij een enquête van de Erasmus Universiteit in 1991 was 79 procent die mening toegedaan, bij de Staat van het Recht anno 1998 riep 76 procent om meer blauw, maar inmiddels is dit percentage gestegen tot 87 procent, ongeacht de politieke voorkeur van de ondervraagden.


Grafiek behorend bij het Trouw-onderzoek 'Staat van het Recht 2004'

Opmerkelijk is ook de verschuiving in opvattingen over prioriteiten in het opsporingsbeleid van politie en justitie. Een meerderheid (52 procent) vindt nu dat de aanpak van geweld en inbraken belangrijker is dan de vervolging van drugsbazen. Vijf jaar geleden toonde nog maar 29 procent van de burgers zich voorstander van deze aanpak.

Nog sterker blijkt dit uit de beantwoording van de stelling dat de politie meer tijd zou moeten besteden aan misdaadbestrijding en minder aan hulpverlening aan burgers. In 1998 was ruim een derde (35 procent) het eens met deze stelling, nu is dit een flinke meerderheid geworden van 57 procent.

Om het strafrechtsysteem te versterken is 44 procent van de Nederlanders onverminderd bereid meer belasting te betalen.

De Nederlander heeft grote moeite met bezuinigingen op de reclassering. Korten op hulp en opvang aan ex-gevangenen leidt volgens bijna driekwart van de ondervraagden tot meer criminaliteit.

Het verstrekken van gratis heroïne aan zwaar verslaafden, in een poging de drugscriminaliteit te beteugelen, kan rekenen op steun van de meerderheid (51 procent) van de Nederlandse bevolking. Bij de Staat van het Recht anno 1998 was dit nog 43 procent. Vooral ouderen zijn voorstander van vrije heroïneverstrekking: 58 procent is voor. Bij jongeren is de steun minder groot: 41 procent.

Justitie moet meer dan nu gebeurt, schade van criminele activiteiten verhalen op de ouders van minderjarigen, vindt 84 procent van de ruim 1088 deelnemers aan de steekproef. Bij de ouderen loopt dit percentage op tot 92, terwijl jongeren wat minder geneigd zijn deze stelling met 'ja' te beantwoorden: 66 procent.

Ook de opvoeding met-een-strakke-hand wint aan terrein, althans in de opiniepeiling. Waar in 1991 60 procent van de Nederlanders vond dat een stevige opvoeding nodig is, en in 1998 72 procent, is nu 85 procent deze mening toegedaan. Ook hier een opvallend verschil tussen jongeren en ouderen: 77 versus 94 procent.

In de Staat van het Recht anno 2003 is voor het eerst aan het panel gevraagd of de soms zeer hoge beloningen in het bedrijfsleven, kunnen worden gezien als een uiting van normvervaging. Bijna driekwart van de Nederlanders (vooral vrouwen, 77 procent, en ouderen, 79 procent) zien in torenhoge vergoedingen een bijdrage tot normvervaging.

Ten slotte de doodstraf. TNS Nipo brengt opvattingen over de doodstraf sinds 1987 in kaart. In dat jaar bleek 49 procent voorstander van herinvoering, in 1998 was dat 46 procent en in 2002 nog 43 procent. Bij de Staat van het Recht anno 2003 is de omvang van de groep voorstanders verder gedaald naar 42 procent.

Onder jongeren (van 18 tot 34 jaar) is het aantal voorstanders het grootst: 49 procent, onder 55-plussers het kleinst: 30 procent. Mannen zijn net iets vaker voorstander dan vrouwen: 43 tegen 39 procent.

Onder CDA-stemmers is het aantal voorstanders tussen 1998 en 2003 sterk gedaald: van 55 naar 33 procent. Bij VVD en PvdA is de aanhang voor de meest ultieme straf de afgelopen vijf jaar gelijk gebleven: 57 respectievelijk 36 procent.

Bij aanhangers van de Lijst Pim Fortuyn -LPF-minister Nawijn (Vreemdelingenzaken) opperde in 2002 herinvoering van de in 1870 geschrapte doodstraf- is 74 procent voorstander, de onbetwiste koploper. Al moet worden aangetekend dat in het TNS Nipo-panel maar 28 LPF-stemmers zitten, van wie er vier tegen de doodstraf zijn en drie geen mening hadden.


Laatste wijziging op: 04-06-2004 00:56