Welkom Den Haag Tegen Geweld | Haagse sympatisanten. | Haagse politieke partijen | Haagse Raadsleden | Haagse Wethouders | Burgemeester Deetman | Nieuw Geweld in Den Haag | Aktie om het geweld te keren | Terra College 13 januari 2004 | Monumenten in beeld | Gastenboek | Ingezonden reactie | DiscussieForum. | Evenementen | Dieptepunten 2004-2005-2006-2007 | Politiek en Geweld. | School en Geweld. | Ontwikkelingen en Geweld. | Vertrouwen in Rechtssysteem | Strafmaat | Staat van het Recht | Bovenkamers Cellentekort | Herdenkingsbijeenkomsten.

Staat van het Recht.
 
 
Politie is terughoudend met gebruik geweld
Politie is terughoudend met gebruik geweld
Gepubliceerd op maandag 19 december 2005
AMSTERDAM (ANP) - De Nederlandse agent gebruikt niet te vaak of te hardhandig geweld bij incidenten. Gemiddeld werd één op de honderd arrestaties met geweld afgedwongen. De politiemensen en de arrestatieteams, zijn effectief en terughoudend in het gebruik van geweld bij aanhoudingen van verdachten.

Dat concludeert prof. J. Naeyé van de Vrije Universiteit Amsterdam in zijn onderzoek naar het politieoptreden in het jaar 2000, dat hij maandag heeft gepubliceerd. Het is de eerste keer dat de geweldsbevoegdheid zo onder de loep is genomen.

In het jaar 2000 waren er 3317 incidenten waarbij een agent geweld nodig vond. Omgerekend is dat één geweldsincident per tien uitvoerende politiemensen per jaar. Gemiddeld één keer per maand werd er gericht op een burger geschoten. Bij de geweldsincidenten raakten in dat jaar 979 burgers en 401 agenten (licht)gewond. Er vielen drie doden, van wie twee door een politiekogel.

Incidenten

Volgens Naeyé is het aantal van 3317 incidenten niet onacceptabel hoog, als je dat afzet tegen het aantal agenten toen (36.500), de bijna 1,2 miljoen processen-verbaal die opgemaakt zijn over misdrijven en de bijna 200.000 aanhoudingen die zijn verricht in zaken waarbij geweld in het spel was. Het politiegeweld was niet altijd billijk: achteraf werden 57 klachten gegrond verklaard. Bij veertig incidenten volgden disciplinaire of strafrechtelijke maatregelen. Vijf keer kwam het tot een veroordeling van de agent.

De arrestatieteams hielden 1282 gevaarlijke verdachten aan, waarbij in slechts negen zaken de verdachte gewond raakte. Eén persoon stierf door een politiekogel. Naeyé noemt de arrestatieteams zeer effectief.

Meeste aanhoudingen

De meeste aanhoudingen met geweld gebeuren in het weekeinde en 's nachts. Een aanzienlijk deel van de verdachten is onder invloed van drank of drugs. Daarna volgen gestoorde of suïcidale personen, personen besmet met hiv, straatdealers of omstanders die zich met het optreden van de politie bemoeien.

Naeyé beschouwt dat als een nulmeting en pleit ervoor dat de politie het gebruik van geweld beter bijhoudt en jaarlijks meldt. Hij vreest dat anders de meldingen nog meer versnipperd raken, omdat de regels in 2001 zijn versoepeld.


 
Meer geld voor forensisch onderzoek

DEN HAAG - Telewgraaf 11.11.05 Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) krijgt er mensen bij. Ook de politie krijgt meer geld om het recherchewerk uit te kunnen breiden. Met deze en andere maatregelen willen de ministers Donner (Justitie) en Remkes (Binnenlandse Zaken) de opsporing en vervolging bij zware misdrijven verbeteren. De ministerraad stemde vrijdag met het pakket voorstellen in.

Aanleiding daarvoor zijn de vele fouten die zijn gemaakt in de Schiedamse parkmoord, waardoor een verdachte vier jaar onschuldig vastzat. Donner kondigde vrijdag na afloop van de ministerraad aan dat het NFI en de politie (recherche) kunnen rekenen op een „forse uitbreiding van de capaciteit”. Hoeveel geld daarmee is gemoeid, kon hij nog niet zeggen. Donner zei er wel vanuit te gaan dat de financiering rondkomt.

Het NFI moet voortaan „duidelijker” rapporteren zodat politie, justitie, rechters en advocaten de rapporten beter kunnen begrijpen. Ook zullen forensisch deskundigen vaker en sneller worden ingezet om sporen op de plaats delict veilig te stellen. Alle resultaten van technisch onderzoek moeten in het dossier terechtkomen. Ontlastende uitslagen krijgen daarbij expliciet aandacht.

Verhoren van verdachten van misdrijven waarop minimaal twaalf jaar celstraf staat, moeten op band worden opgenomen. Dat moet ook als er een dode of zwaargewonde is gevallen of als het een zedenmisdrijf betreft waarop minimaal acht jaar staat. Videoregistratie wordt onder meer verplicht als de verdachte bovendien tussen de twaalf en zestien jaar of zwakbegaafd is.

Politiekorpsen beschikken uiterlijk in juni volgend jaar allemaal over een protocol met standaardregels voor het verhoor. Volgens Donner zijn alle maatregelen bedoeld om de kwaliteit van de „waarheidsvinding” te waarborgen en moeten ze voorkomen dat opsporingsambtenaren zich teveel richten op wat ze verwachten. De huidige golf van liquidaties onderstreept volgens hem het belang om de recherche en het forensisch onderzoek te versterken.

Een speciale commissie gaat, zoals Donner eerder al had aangekondigd, na klachten van functionarissen van het OM, politie, NFI of wetenschappers onderzoeken of zich in de opsporing van strafbare feiten of in de behandeling van strafzaken „ernstige manco's” hebben voorgedaan. Het zal daarbij vooral gaan om ernstige strafzaken, zoals moord en doodslag.

Voorwaarde is wel dat er geen alternatieve rechtsgang wordt gecreëerd. De commissie zal daarom geen zaken bekijken die nog onder de rechter zijn. De rapporten van de commissie zullen openbaar zijn.

Afbeelding van een politiehond in actie 

MAATREGELEN VOOR BETERE OPSPORING EN VERVOLGING


Minister Donner (Justitie) neemt maatregelen naar aanleiding van het evaluatierapport over de Schiedammer parkmoord. Zo komt er bij zware misdrijven een vorm van tegenspraak en krijgt de forensische opsporing een impuls.

Regering.nl 11 nov 2005  Dit zijn punten uit het verbeterprogramma 'Versterking van opsporing en vervolging' van het openbaar ministerie (OM), de politie en het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Volgens minister Donner geeft dit programma een adequaat antwoord op de aanbevelingen uit het evaluatierapport over de Schiedammer parkmoord. 

Het verbeterprogramma moet zorgen voor meer kwaliteit bij de waarheidsvinding tijdens de opsporing en vervolging. 

Maatregelen
Een van de maatregelen is dat er vanaf januari 2006 bij zware misdrijven die grote maatschappelijke beroering hebben veroorzaakt een vorm van tegenspraak komt bij de politie en het OM. Het gaat dan om bijvoorbeeld levensdelicten en ernstige zedendelicten. Ook komt er een betere samenwerking tussen het Nederlandse Forensisch Instituut (NFI) en de opsporingsdiensten. 

Andere punten uit het verbeterprogramma zijn:

  • Er komen algemeen bindende eisen aan de kwaliteit van opsporingsonderzoeken. 
  • Gerichte opleidingen en op termijn certificering bij de politie en het OM moeten het vakmanschap vergroten.  
  • Het leidinggevend kaderpersoneel moet meer aandacht hebben voor de kwaliteit van de opsporing en de vervolging. 
  • Auditieve registratie wordt verplicht bij verhoren van verdachten van misdrijven waarop een straf van twaalf jaar of meer staat, als er een dode of zwaargewonde is gevallen en bij zedenmisdrijven waarop acht jaar of meer staat. 
  • Voor juni 2006 beschikt ieder korps over een standaardverhoorplan. 
  • Het NFI gaat duidelijkere rapporten schrijven, zodat die ook goed worden begrepen door politie, OM, rechtspraak en advocatuur. 
  • Alle uitslagen van technisch onderzoek- ook als ze negatief of ontlastend zijn- worden toegevoegd aan het dossier. Het dossier moet expliciet aandacht besteden aan ontlastende uitslagen. 
  • Forensisch deskundigen worden vaker en sneller ingezet om het deskundig veiligstellen van sporen op de plaats delict te verzekeren.  

Commissie
Verder komt er een commissie die na moet gaan gaat of er ernstige manco's zijn geweest tijdens de opsporing van strafbare feiten of in de strafzaken die daaruit voortkomen. Het gaat hierbij vooral om ernstige stafzaken waarin fundamentele twijfel wordt opgeworpen over de schuld van de veroordeelde, op basis van informatie waarover de rechter niet beschikte. Voorwaarde is dat hierdoor geen alternatieve rechtsgang ontstaat: zaken die nog onder de rechter zijn, worden dus niet onderzocht. Ook moeten de rapporten van de commissie openbaar zijn. 

Forensische opsporing
Met het versterken van de forensische opsporing worden de mogelijkheden van de moderne techniek beter benut. Dat draagt niet alleen bij aan de waarheidsvinding, maar zal ook een positief effect hebben op het ophelderingspercentage. 

Om het gewenste professionaliteitsniveau van het optreden van het OM en de politie in strafzaken te bereiken, is ook extra capaciteit nodig. Het kabinet komt bij de Voorjaarsnota 2006 en de begrotingsvoorbereiding voor 2007 terug op de financiële consequenties van het verbeterprogramma. 

Bron:
Persbericht ministerraad (pdf)

Zie ook:
13 sep 2005
Donner wil meer kwaliteit bij waarheidsvinding

Een pantservoertuig van de Koninklijke Marechaussee voor de Amerikaanse ambassade 24 jan 2005 Regering.nl
414 MILJOEN EURO EXTRA VOOR AANPAK TERRORISME


Het kabinet wil voor de komende vijf jaar ruim 400 miljoen euro reserveren voor de aanpak van terrorisme en radicalisering. Inlichtingen-, beveiligings- en opsporingsdiensten worden uitgebreid met bijna 600 arbeidsplaatsen.

Het kabinet wil fors investeren in de capaciteit van de gehele overheid om radicalisering tegen te gaan en terrorisme te voorkomen.

Voor 2006 reserveert het kabinet een bedrag van 48 miljoen euro, dat oploopt tot meer dan 95 miljoen euro in 2009. In totaal is er de komende jaren ruim 414 miljoen euro beschikbaar.

Een groot deel van het geld is bestemd voor het aantrekken van extra medewerkers:

  • De Algemene inlichtingen- en veiligheidsdienst (AIVD) en de regionale inlichtingendiensten krijgen er 107 arbeidsplaatsen bij. (De AIVD krijgt er ook nog ruim 200 arbeidsplaatsen bij naar aanleiding van de evaluatie van de dienst door de Commissie-Havermans.) 
  • Politie en openbaar ministerie worden uitgebreid met 90 arbeidsplaatsen.
  • De Koninklijke Marechaussee krijgt er 148 arbeidsplaatsen bij.
  • De Dienst Koninklijke en Diplomatieke Beveiliging (DKDB) wordt uitgebreid met 235 arbeidsplaatsen en de Eenheid Bewaken en Beveiligen met 7. Dit is nodig vanwege de groeiende vraag naar beveiliging van personen en objecten.  

De uitbreiding van de capaciteit moet de informatiepositie van de diensten versterken. Daarmee kunnen de noodzakelijke analyses worden gemaakt, die de basis zijn voor verschillende vormen van ingrijpen.

Uitbreiding bestuurlijk instrumentarium
Ook het bestuurlijk instrumentarium wordt uitgebreid met onder meer de mogelijkheid om mensen te verplichten zich periodiek te melden op het politiebureau. Ook kan het betrokkenen worden verboden om zich op te houden in de buurt van bepaalde personen of objecten. 

Deze aanvullingen zijn van toepassing op personen die op grond van contacten, activiteiten of andere aanwijzingen in beeld komen, terwijl er verder onvoldoende aanwijzingen zijn voor een strafrechtelijk optreden. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen die zich op verdachte wijze hebben opgehouden op bepaalde locaties.

Verder worden de mogelijkheden tot een verbod op het verrichten van beroepsmatige activiteiten verruimd, indien deze worden gebruikt voor het aanzetten tot haat of geweld. 

Peramanente veiligheidsgebieden
Het kabinet heeft ook besloten tot het instellen van zogeheten permanente veiligheidsgebieden. Binnen deze gebieden is het mogelijk om mensen preventief te fouilleren. 

Het gehele terrein van luchthaven Schiphol wordt zo'n permanent veiligheidsgebied. Ook de andere internationale luchthavens binnen Nederland zullen op korte termijn tot permanent veiligheidsgebied worden aangewezen.

Lopende maatregelen
In een brief aan de Tweede Kamer geeft het kabinet ook een overzicht van de actuele stand van zaken op het terrein van de terrorismebestrijding:

  • Sinds 1 januari 2005 is de staf Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding operationaal.
  • In het samenwerkingsverband 'Contra-Terrorisme infobox' worden verschillende personen onderzocht door verschillende instanties (zoals AIVD, IND, OM en politie).
  • Na de moord op Van Gogh is een aantal verdachten aangehouden. Het onderzoek naar hun betrokkenheid bij terroristische activiteiten loopt. Van de kring personen rondom verdachte Mohammed B. zijn inmiddels drie procedures gestart voor een ongewenst verklaring en is één verblijfsvergunning ingetrokken.
  • Het ontwerp voor het waarschuwingssysteem met kleurcodes is klaar. Het systeem wordt in eerste instantie uitgewerkt voor de sector spoor, de gemeente Rotterdam, Schiphol en de sectoren drinkwater en elektriciteit. Voor deze sectoren zal het alerteringssysteem naar verwachting 1 maart 2005 in werking treden.
  • Internationaal wordt nauw samengewerkt op het gebied van strafrecht en inlichtingen. Binnen de EU wordt gewerkt aan een Europees Visum Informatiesysteem waarin de persoons- en biometrische gegevens van alle aanvragers voor een Schengenvisum worden opgeslagen. Ook komt er een centrale eenheid die acties voor de bewaking aan de Europese buitengrens gaat coördineren en er wordt strafrechtelijke informatie uitgewisseld.  

Bron:
Persbericht ministerie van Justitie

Meer informatie:
brief aan de Tweede Kamer (pdf)

Zie ook:
24 jan 2005
Extra mensen voor de AIVD na evaluatie
 

Dossiers
PijlTerrorisme

10 sep 2004
KABINET BUNDELT AANPAK TERRORISMEBESTRIJDING

Lijn De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding wordt verantwoordelijk voor de hele bestrijding van het terrorisme. Bij acute terreurdreigingen krijgt de minister van Justitie de bevoegdheid om alle nodige maatregelen te nemen.

Dat heeft het kabinet besloten op voorstel van de ministers Donner (Justitie) en Remkes (BZK). De maatregelen zijn nodig omdat de dreiging van het internationale terrorisme volgens het kabinet onverminderd groot blijft.

Dreiging
De laatste maanden zijn er aanwijzingen dat islamistische terroristen het ook op Nederland hebben voorzien. Deze aanwijzingen hebben te maken met geconstateerde verkenningen van mogelijke doelwitten, dreigementen op internet en op de context van de internationale dreiging van het islamistisch terrorisme.

Volgens het kabinet betekent dit dat Nederland voorlopig rekening zal moeten houden met een aanzienlijke terroristische dreiging. Randvoorwaarden voor een doeltreffende aanpak van de dreiging zijn:

  • het doelmatig verkrijgen en gebruiken van informatie;
  • de middelen en bevoegdheden om tijdig in te grijpen;
  • een adequate bewaking en beveiliging van mogelijke doelwitten;
  • een grensoverschrijdende aanpak;
  • het beperken van de voedingsbodem voor de rekrutering van mogelijke daders.

In het licht hiervan heeft het kabinet enkele aanvullende maatregelen genomen.

Coördinatie
Verschillende organisaties en overlegorganen zijn op dit moment betrokken bij de aanpak van terrorisme. Een doelmatige organisatie van informatie, beleid, mankracht en bevoegdheden is van groot belang. De coördinatie hiervan wordt daarom ondergebracht bij de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding (NCTb).

De NCTb wordt verantwoordelijk voor het (internationale) terrorismebeleid. Zo moet de NCTb de informatie van inlichtingendiensten, opsporingsdiensten en de IND verzamelen en analyseren, zodat op ieder gewenst moment een reële dreigingsanalyse kan worden gemaakt.

Ook wordt de NCTb verantwoordelijk voor de regie over de beveiliging. Het gaat dan onder meer om de identificatie van mogelijke doelwitten, de ontwikkeling van het alerteringssysteem, de vormgeving van de bijzondere bijstand en de organisatie van oefeningen en evaluaties.

De eerder aangestelde coördinator Bewaken en Beveiliging, de beveiliging van de burgerluchtvaart en de regie over de communicatie met publiek, bedrijfsleven en media worden ook ondergebracht bij de NCTb.

Maatregelen bij dreiging
In het geval van acute dreiging krijgt de minister van Justitie zogeheten doorzettingsmacht. Dit betekent dat hij de wettelijke bevoegdheid krijgt om - per direct - de noodzakelijke maatregelen te nemen op terreinen van andere ministeries. Het kan dan gaan om ontruimingen, blokkades van wegen of het stilleggen van trein- of vliegverkeer.

Zolang de wettelijke bevoegdheid nog niet is geregeld, zal de coördinerende minister voor terrorismebestrijding deze bevoegdheden kunnen gebruiken op basis van een koninklijk besluit, op voordracht van de minister-president.

De minister van Justitie krijgt ook de bevoegdheid om diensten en organisaties in te schakelen om eventuele acties van terroristen te verstoren. Deze bevoegdheid is ook van toepassing op diensten die onder de verantwoordelijkheid van andere ministeries vallen.

Ten slotte wordt de minister van Justitie ook verantwoordelijk voor het bekendmaken van alerteringscodes. Dit nieuwe systeem maakt met behulp van verschillende coderingen duidelijk welke mate van alertheid en maatregelen geboden zijn. Naar verwachting is het systeem begin 2005 gereed.

Bevoegdheden
Het kabinet wil ook de bevoegdheden van politie en justitie verruimen om de mogelijkheden tot het voorkomen van aanslagen te vergroten:

  • Opsporingsmethoden als afluisteren en observeren moeten sneller kunnen worden ingezet. In plaats van een concrete verdenking acht het kabinet een aanwijzing dat personen of groepen een aanslag voorbereiden, voldoende grond om de opsporingsmethoden in te zetten.
  • Om de eigen informatiepositie te versterken, moet het OM de bevoegdheid krijgen om gegevens op te vragen van instanties als verenigingen en stichtingen.
  • De officier van justitie moet bij specifieke dreigingen een bepaald gebied kunnen aanwijzen als gebied voor preventief fouilleren.
  •  Verdachten van terroristische misdrijven moeten eenvoudiger in bewaring gehouden kunnen worden na de inverzekeringsstelling.

Bron:
Persbericht ministerraad (pdf)

Zie ook:
10 aug 2004
Wet terroristische misdrijven in werking
9 jul 2004
Maatregelen vanwege verhoogde dreiging terrorisme

Donner zet rem op hoger beroep
Minister wil met maatregelen werkdruk bij overbelaste rechtbanken verlichten
van onze verslaggever  trouw  13.07.04
AMSTERDAM - De toegang tot het hoger beroep bij juridische procedures wordt ingeperkt. Minister Donner van justitie werkt aan een wetswijziging waarbij veroordeelden moeten toelichten op welk punt ze precies in appèl gaan. De rechter kan een beroep op grond daarvan afwijzen.

Donner kondigt de wetswijziging aan in een brief aan de Tweede Kamer. Onder de titel 'Naar een slagvaardiger rechtspleging' somt de bewindsman een serie maatregelen op die het werk bij de overbelaste rechtbanken moet verlichten.

Rechters zullen in zaken waarbij een verdachte heeft bekend in de toekomst altijd een verkort vonnis kunnen uitspreken. Nu moet de rechter op alle bewijs punten ingaan. Dat is een tijdrovend ritueel.

Ook het horen van getuigen wordt vereenvoudigd. Zo wordt het zogenaamde televerhoor landelijk ingevoerd. Een getuige, deskundige of de verdachte zelf kan via een televisieverbinding ondervraagd worden.

,,Dat scheelt een hoop heen en weer gezeul met mensen'', weet een woordvoerder van de minister.

In de plannen van Donner krijgen rechters ook de mogelijkheid getuigen op de zitting te weigeren. ,,Nu worden door de partijen soms waslijsten aan op te roepen getuigen ingediend. Aan die vrijheid komt nu een eind'', zegt Donners woordvoerder. De bewindsman gaat ook kijken of rechters afgehaald kunnen worden van niet strikt nodige bijbanen.

Uit hoofde van hun functie zitten rechters in allerlei adviesraden, geschillencommissies en tuchtcolleges.

In het civiele recht wil Donner (burgerlijke) partijen meer dwingen buiten de rechtszaal hun juridische strijd te voeren. Uit een gisteren bekendgeworden bevolkingsscan van het onderzoeksinstituut van justitie, het WODC, blijkt dat slechts 4 procent van de burgers die zich gedupeerd voelen, daadwerkelijk het conflict aan een rechter voorlegt.

Die 500.000 civiele zaken per jaar vindt Donner nog te veel. Hij komt met een verruiming van de mogelijkheid van de rechter om een zaak terug te verwijzen naar een mediator of een andere buiten de rechtszaal opererende scheidsrechter.

 

foto van een politiewagen 9 jul 2004 Regering.nl
MEER INVLOED VAN MINISTERS OP HOOFDLIJNEN POLITIEBELEID

De hoofdlijnen van het politiebeleid kunnen in de toekomst door de ministers van BZK en Justitie per politieregio worden vastgelegd. Ook komen er regels voor meer samenwerking tussen korpsen op beheersmatig vlak.

De veranderingen zijn vorig jaar september al aangekondigd in een brief aan de Tweede Kamer. De ministers krijgen meer invloed op het beheer, de taakuitoefening en het prestatieniveau van de politie. Daarbij kan het gaan om zaken rond de bedrijfsvoering, zoals de inzet van ICT die nog te versnippperd en verschillend is. 

Daarnaast krijgen de ministers invloed op de hoofdlijnen van het politiebeleid. Zo kan de aanpak van veelplegers landelijk worden vastgelegd, maar ook het aantal verdachten dat de politie bij de officier van justitie aanlevert of het aantal boetes en transacties die door agenten moet worden uitgeschreven.

De minister van BZK kan straks ook politiekorpsen verplichten om samenwerkingsverbanden aan te gaan, bijvoorbeeld voor gezamenlijke inkoop of beheer van ICT-voorzieningen. 

Verantwoordelijkheden
Burgermeesters houden in hun gemeente het gezag over de politie als het gaat om handhaving van de openbare orde en hulpverlening. De officieren van justitie houden het gezag over de politie rond strafrechterlijke handhaving van de rechtsorde. Daarmee blijft maatwerk in de regio mogelijk. Het verschil is echter dat de hoofdlijnen van het beleid door de ministers van BZK en Justitie worden vastgelegd. 

De voorgestelde sturing is nodig omdat de ministers op dit moment weinig mogelijkheden hebben om in te grijpen. Hun invloed verloopt via overleg en overreding. Daarnaast vindt het kabinet dat het huidige politiebestel te versnipperd opereert.

Korpsbeheerders
In de voorstellen moeten de korpsbeheerders (de per regio verantwoordelijke burgemeesters) over de uitvoering van het politiebeleid in de toekomst verantwoording afleggen aan de ministers van BZK en Justitie. Nu leggen zij deze verantwoording af aan de andere burgemeesters in de regio.

De korpsbeheerders worden volgens het voorstel ook bij Koninklijk Besluit benoemd, geschorst of ontslagen op voordracht van de minister van BZK. Nu is de burgemeester van de centrumgemeente in een politieregio nog automatisch korpsbeheerder. Indien nodig, kunnen de ministers in de toekomst korpsbeheerders schorsen of vervangen door een andere burgemeester.

Bron:
Persbericht ministerraad (pdf)

Zie ook:
26 sep 2003
Meer invloed ministers op beleid en beheer politie

Meer informatie:
Brief aan Tweede Kamer (pdf, 26 sep 2003)

Dossiers
Pijl
Veiligheid

'MEER PREVENTIE EN SOCIALE CONTROLE; MINDER STRAFRECHT'
19 mei 2004 Regering.nl
Preventie is naast repressie een belangrijk onderdeel van het veiligheidsbeleid. Dat schrijven de ministers Donner (Justitie) en Remkes (BZK) in een kabinetsnota over criminaliteitspreventie.

Door in te zetten op preventie, wil het kabinet het gebruik van strafrechtelijke middelen terugdringen. Donner en Remkes noemen in de nota een aantal maatregelen om de preventie van criminaliteit te versterken.

  • Justitie gaat andere departementen meer wijzen op de mogelijkheden die zij hebben om op hun eigen beleidsterrein preventieve maatregelen te nemen.
  • In juli 2004 gaat het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CVV) van start. Het CVV gaat preventie door gemeenten, bedrijven en organisaties stimuleren.
  • Het kabinet laat nog onderzoeken of het mogelijk is om bedrijven en burgers te verplichten tot het nemen van preventieve maatregelen.
  • Voor het einde van het jaar worden voorstellen gedaan om 'geweld in brede zin' tegen te gaan.

Sociale controle
Het kabinet signaleert verder dat bij veel ongewenste maatschappelijke verschijnselen snel geroepen wordt om een strafrechtelijke reactie. Daarmee moet terughoudend worden omgegaan, vindt het kabinet. Vooral bij feiten die weinig overlast veroorzaken, pleit het kabinet voor sociale controle. Burgers zouden normovertreders op hun gedrag kunnen aanspreken bij wijze van 'informele sanctie'.

Veiligheidsprogramma
In het veiligheidsprogramma 'Naar een veiliger samenleving' is afgesproken dat het preventiebeleid zich vooral richt op jeugdcriminaliteit, bedrijfsleven, overlast en openbaar vervoer. In de nota criminaliteitspreventie staat een overzicht van de initiatieven die al zijn genomen. Voorbeelden daarvan zijn:

  • Het actieprogramma Jeugd Terecht dat zich richt op voorkomen van jeugdcriminaliteit.
  • De Operatie Jong die moet leiden tot eerdere en betere hulpverlening aan jongeren.
  • De campagne Veilige School van het ministerie van OCW.
  • Het actieplan Veilig Ondernemen dat in samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven is opgesteld.
  • Het terugdringen van zwartrijden, agressie en overlast in het openbaar vervoer.

Bron:
Persbericht ministerraad (pdf)

Zie ook:
14 mei 2004
Voortgangsrapport: 'burger voelt zich iets veiliger'

16 dec 2003
Van Eijck commissaris jeugd- en jongerenbeleid
20 jan 2003
Operatie Jong: meer samenhang en samenwerking in jeugdbeleid
13 dec 2002
Kabinet: maatregelen tegen jeugdcriminaliteit
17 okt 2002
Maatregelen voor een veiliger samenleving

Slachtoffers krijgen spreekrecht in rechtszaal
ANP  Volkskrant 11.05.04

DEN HAAG - Slachtoffers van ernstige misdrijven of hun nabestaanden krijgen het recht om een verklaring af te leggen in de rechtszaal. De Eerste Kamer heeft dinsdag ingestemd met een initiatiefwetsvoorstel van D66 en LPF van deze strekking.

Het was tot aan de stemming niet duidelijk of het voorstel het zou halen. Om een meerderheid te krijgen was steun van de PvdA nodig, en die fractie aarzelde. Dinsdag ging ze toch akkoord. Ook VVD, D66, LPF en SP stemden voor.
Het initiatiefwetsvoorstel werd in 2002 ingediend in de Tweede Kamer door D66'er Dittrich en toenmalig LPF'er Schonewille. Zij vonden het niet kunnen dat een verdachte in de rechtzaal wel altijd het woord mag voeren en het slachtoffer niet. Als een slachtoffer spreekrecht zou krijgen zou dat hem helpen het misdrijf te verwerken.

De Tweede Kamer stemde in december 2002 in met het initiatiefvoorstel. Een deel van de Eerste Kamer weigerde dat dinsdag omdat minister Donner van Justitie heeft toegezegd ook met een wetsvoorstel te komen waaron hij de positie van het salchtoffer in het strafproces zal versterken. CDA, GroenLinks, ChristenUnie en SGP wachten liever op de voorstellen van Donner af.
 
'GEEN VERSCHIL VAN MENING OVER AANPAK CRIMINALITEIT'

Regering.nl   01.04.04
Volgens de ministers Remkes (BZK) en Donner (Justitie) bestaan er tussen alle belangrijke betrokkenen 'geen grote tegenstellingen' over de aanpak van de criminaliteit in Nederland. Dat schrijven de ministers aan de Kamer.

De ministers reageren in hun brief op de recente discussie in de media tussen politie en het openbaar ministerie over de aanpak van de criminaliteit. 'Daarbij werd de suggestie gewekt alsof er sprake is van grote tegenstellingen tussen politie en OM. Dit is niet het geval', aldus de ministers.

Remkes en Donner wijten de ophef aan de grote druk waaronder politie en OM werken aan de uitvoering van het veiligheidsprogramma van het kabinet. 'Onder die druk kunnen licht irritaties en verkeerde beelden ontstaan die in een rustiger tijd zouden worden uitgesproken'.

Tegenhouden
De discussie tussen de politie en het OM spitste zich toe op het concept 'tegenhouden'. Volgens de ministers is uit een gesprek met vertegenwoordigers van het College van procureurs-generaal, de korpsbeheerders en de korpschef gebleken dat er geen verschil van mening bestaat over dit concept.

Met 'tegenhouden' wordt bedoeld dat de politie op verschillende manieren misdrijven kan voorkomen. Dit kan uiteenlopen van het verijdelen van een bankoverval tot het beïnvloeden van gedrag of omstandigheden om criminaliteit te voorkomen. Ook adviseert de politie over het voorkomen van criminaliteit, zoals over het keurmerk veilig wonen.

Volgens de ministers vormt 'tegenhouden' een vanzelfsprekend onderdeel van het politiewerk. Wel stellen zij dat 'tegenhouden niet ten koste mag en zal gaan van het opsporen'. 'Opsporen is en blijft een belangrijke kerntaak van de politie. Tegenhouden en opsporen liggen in elkaars verlengde en versterken elkaar.'

Bron:
Persbericht ministerie van BZK

Zie ook:
Brief aan de Tweede Kamer


 
'POLITIE MAG MEER DOEN MET PERSOONSGEGEVENS'
Regering.nl  1 april 2004

Minister Donner (Justitie) wil de politie meer mogelijkheden geven om gebruik te maken van persoonsgegevens en stuurt een wetsvoorstel hiertoe voor advies op aan de rechterlijke macht, het Openbaar Ministerie en de politie.

Goede informatie is van groot belang voor het politiewerk. In de praktijk blijkt dat de huidige regels daarvoor te beperkt zijn. Via een herziening van de huidige Wet politieregisters wil minister Donner deze knelpunten wegnemen. 

De minister wil met de herziening de politie meer mogelijkheden geven:

  • Persoonsgegevens mogen een jaar lang voor vrij gebruik door de politie beschikbaar blijven;
  • Gegevens mogen voor meer dan een onderzoek worden gebruikt;
  • De politie mag persoonsgegevens verstrekken aan derden, zoals aan instanties die betrokken zijn bij de aanpak van jeugdcriminaliteit of huiselijk geweld.      

Verder wil Donner op bepaalde terreinen de mogelijkheid bieden om dossiers op te bouwen door langdurig en gericht persoonsgegevens te verzamelen. Zo krijgt de politie meer zicht op de (mogelijke) betrokkenheid van mensen bij misdrijven zoals zware criminaliteit, terrorisme of mensenhandel. De onderwerpen worden vastgelegd in een algemene maatregel van bestuur. 

Waarborging privacy
Om de privacy van betrokken burgers te waarborgen wordt een systeem van machtigingen geïntroduceerd. Alleen de agenten die bepaalde gegevens nodig hebben voor hun werk krijgen toegang en de bevoegdheid om de gegevens te verwerken. Andere persoonsgegevens blijven afgeschermd. 

Binnen de politiekorpsen worden privacyfunctionarissen aangewezen die de verwerking van persoonsgegevens gaan controleren. Het College bescherming persoonsgegevens gaat toezicht houden op de naleving van de nieuwe wet. 

Bron:
Persbericht ministerie van Justitie

Zie ook:
Wetsvoorstel (pdf)
Toelichting op wetsvoorstel (pdf)

30 mrt 2004
Winkels mogen foto's veelplegers gebruiken

OM mag straf opleggen
ANP Volkskrant 06.02.04
DEN HAAG - Officieren van justitie gaan straffen opleggen. Om de druk bij de rechtbanken weg te nemen krijgen de officieren de bevoegdheid geldboetes, een ontzegging van de rijbevoegdheid van maximaal een halfjaar en een taakstraf van hoogstens 180 uur op te leggen. Dat heeft het kabinet vrijdag besloten.


De nieuwe regeling is alleen van toepassing op delicten waar een gevangenisstraf van ten hoogste zes jaar op staat, onder meer vernielingen, winkeldiefstal en rijden onder invloed. Het Openbaar Ministerie mag echter geen celstraffen opleggen, dat blijft voorbehouden aan de rechter.

Door de invoering van het wetsvoorstel is het OM straks niet meer afhankelijk van de medewerking van een verdachte. Nu is het zo dat na vele tussenstappen een zaak uiteindelijk voor de rechter komt als de verdachte een transactie niet betaalt. Daar komt verandering in. Als de verdachte weigert te betalen, kan het OM zelf het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB) inschakelen om de boete te innen. Verder moet een verdachte die het niet eens is met de strafbeschikking van het OM en wil dat een rechter naar zijn zaak kijkt, daar zelf het initiatief voor nemen.

Uit berekeningen van het ministerie van Justitie blijkt dat het OM ongeveer 44.000 kantonzaken en 21.000 rechtbankzaken die in 2002 voor de strafrechter zijn gekomen, met de nieuwe maatregel had kunnen afdoen.

Ook de politietransactie wordt omgezet naar een strafbeschikking, wat inhoudt dat het karakter en de gevolgen van een opgelegde boete veranderen. Als iemand een boete accepteert, moet hij ook betalen. Doet hij dat niet, dan staat het CJIB bij hem op de stoep. Het gaat in dit geval onder meer om zwaardere verkeersovertredingen, openbare dronkenschap en het verkopen van spullen op straat zonder vergunning.

De Raad voor de Rechtspraak is in principe niet tegen buitengerechtelijke afdoening, maar ziet niet dat rechters 'ineens enorme ruimte krijgen in het afdoen van zaken', aldus een woordvoerster. 'In zekere zin levert het wel een ontlasting op, maar de effecten zijn gematigd.'

Parket mag straf gaan opleggen
Donner laat principe vallen dat slechts rechter toekwam
van onze redactie politiek
Trouw  2004-02-07

DEN HAAG - Het openbaar ministerie (OM), in de persoon van de officier van justitie, krijgt de bevoegdheid om zelfstandig, buiten de rechter om, straffen op te leggen. Als een burger daartegen niet in verzet komt, erkent hij daarmee schuld aan het voorgevallene en staat de straf vast.
Dat is de strekking van een wetsvoorstel van minister Donner (CDA) van justitie, waarmee de ministerraad gisteren heeft ingestemd. Vrijheidsstraffen vallen buiten het wetsvoorstel. Het opleggen daarvan blijft de exclusieve bevoegdheid van de rechter. Maar Donner laat met zijn voorstel wel het principe los dat alleen een rechter de schuld van een verdachte mag vaststellen en een straf mag opleggen.

Nu al kan het openbaar ministerie een burger die de wet overtreedt een transactie aanbieden. Dat gebeurt honderdduizenden keren per jaar. Door het betalen van de boete voorkomt de burger vervolging en bestraffing. Het OM kan ook een taakstraf aanbieden, van maximaal 120 uur. Als de burger niet reageert op het aanbod, is de officier van justitie verplicht de zaak voor te leggen aan de rechter.

In het nieuwe systeem wordt dat omgedraaid én krijgt het OM meer sanctiemogelijkheden. Naast de boete (waarvan de hoogte afhangt van de ernst van het delict) kan de officier ook voor hoogstens zes maanden iemands rijbewijs innemen. Het maximum van de taakstraf gaat van 120 uur naar 180 uur.

Als het openbaar ministerie een strafbeschikking heeft uitgevaardigd heeft de burger twee weken bedenktijd. Tekent hij binnen die termijn geen protest aan, dan staat de straf -en daarmee ook de schuld- vast.

De nieuwe regeling geldt voor alle delicten, zo lang er maar niet meer dan maximaal zes jaar cel op staat. Maar het openbaar ministerie zal de strafbeschikking in het algemeen toepassen bij de meer eenvoudige zaken. Te denken valt bijvoorbeeld aan vernieling, winkeldiefstal, rijden onder invloed, doorrijden na een aanrijding.

Donner wil ook de boetes die politiefunctionarissen kunnen opleggen omzetten in strafbeschikkingen. Het gaat daarbij om maximaal 350 euro.

Een belangrijke reden voor het wetsvoorstel is het ontlasten van de rechters. Rechtbanken en kantonrechters verwerkten in 2002 zo'n 430000 strafzaken. Volgens justitie zouden het er onder het nieuwe regime ongeveer 65000 minder zijn geweest. Het voorstel van Donner gaat eerst voor advies naar de Raad van State, voordat het bij de Tweede Kamer wordt ingediend.

De minister van justitie broedt ook op meer maatregelen tegen het aanhoudende cellentekort. In het Algemeen Dagblad van gisteren heeft hij het over sobere inrichtingen voor het uitzitten van kortere straffen. Bajesboten sluit hij ook niet uit.

Donner schat dat er over drie jaar, ondanks de bouw van nieuwe gevangenissen en het plaatsen van twee gedetineerden op één cel, nog een tekort zal zijn van 1700 plaatsen. Dat komt door meer en langere straffen.

 

Grafiek behorend bij het Trouw-onderzoek 'Staat van het Recht 2004'

Rood, verbonden aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam, was  betrokken bij de eerste Staat van het Recht, die in januari 1999 in Trouw werd gepubliceerd. Ze werkte opnieuw mee aan de formulering van de vragen die eind 2003 door TNS Nipo aan 1088 Nederlanders van 18 jaar en ouder zijn gesteld.

De criminologe concludeert uit de tweede peiling dat het preventiebeleid vanaf 1985 niet erg veel heeft opgeleverd. ,,De sociale vernieuwing, de campagnes tegen kleine criminaliteit, veiligheidsprojecten in stadswijken -er zijn miljoenen in gestoken. Maar duidelijk is dat dit beleid weinig ingrijpende resultaten heeft geboekt.''

Rood wijst er op dat de afbrokkelende samenhang in buurten en de schroom van burgers om corrigerend op te treden hebben bijdragen aan een almaar crimineler leefklimaat. ,,Als je op straat loopt zie je bijna alleen nog mensen met een mobiele telefoon aan het oor. De malste privé-problemen worden schaamteloos en luidruchtig in het openbaar besproken. Maar niemand kijkt elkaar meer in het voorbijgaan in de ogen. Zolang wij niet in staat zijn om behoorlijk met elkaar om te gaan en elkaar zonodig te corrigeren, wordt het er echt niet beter op. Dan kan het strafrecht geen soelaas meer bieden. Wij gaan de confrontatie niet meer aan. Dat moet de politie maar doen.''

Een duivels dilemma, vindt Rood. ,,Het evenwicht tussen de onderlinge sociale controle en de controle door de overheid is verstoord en het zal tientallen jaren kosten om dit manco te herstellen. We zouden toe moeten naar een overzichtelijke leefsituatie in buurten waarin een kind zich rustig kan ontwikkelen en waarin ruimte is voor de 'dorpsgek', maar waar ook correcties van burgers onderling mogelijk zijn.''

De burger lijkt gegijzeld door het niet-ingrijpen. ,,In het gezin en op school lijkt men huiverig om normen te stellen en te corrigeren. Maar als je ziet hoe geweld ook onder jongeren is toegenomen, kun je alleen maar tot de conclusie komen: er is iets fout gegaan. De samenleving is sinds de jaren zestig sterk veranderd en het lijkt erop dat we niet weten hoe we met de kern van samenleven -namelijk de verhouding tussen eigen belang en sociaal belang- moeten omgaan. Instituten moeten dat maar oplossen. Zo juridiseer je alles en los je niks op.''

De criminologe vindt dat de Staat van het Recht een sombere sfeer ademt -al zijn er ook uitkomsten die zij positief duidt. ,,In gunstige zin valt op dat ouderen in deze steekproef weliswaar niet toleranter, maar wel genuanceerder zijn in hun opvattingen. Ze zijn vaker dan jongeren voorstander van gratis verstrekking van heroïne aan zwaar verslaafden, ze vinden vaker dat de leefomstandigheden van allochtonen leiden tot meer misdaad, ze zijn vaker voorstander van de taakstraf en hebben er ook minder problemen mee om de belasting te verhogen ten bate van versterking van het strafrechtssysteem.''

Dat het algemene onveiligheidsgevoel van de Nederlander in de afgelopen vijf jaar ondanks de sombere opinies van de burger, niet echt is toegenomen, verbaast Rood niet. ,,We zien in onderzoeken sinds 1980 dat nagenoeg hetzelfde percentage mensen aangeeft zich onveiliger te voelen dan 10 jaar terug. Het is een soort constante, een soort basisgevoel, waar weinig aan verandert. Het veiligheidsgevoel hangt meer samen met de mate waarin mensen het gevoel hebben dat zij greep hebben op hun leefsituatie dan alleen met de criminaliteitssituatie. Voor politiek beleid is het veiligheidsgevoel dan ook meer een graadmeter voor het succes van het sociale beleid dan van het criminaliteitsbeleid.''


Lezersreacties Geef uw reactie

Dr. Elly Rood-Pijpers concludeert met heel veel prietpraat: Eigen Schuld, Dikke Bult. En als de burger hun taak zouden doen, dan had je geen justitie nodig.
Kan iemand de bull van deze dame afpakken en verscheuren? En dat ook nog verbonden zijn aan de Erasmus-universiteit? Ik zou nog maar eens een functioneringsgesprek met deze mevrouw gaan voeren.
Zij zegt in soortgelijke woorden dat een verkrachting altijd de schuld van het slachtoffer is. Dus minder sexy kleden had een hoop narigheid kunnen voorkomen. U voelt m al. Zo"n redenatie klopt dus niet.
De verloedering verergert door de schroom op te treden, concludeert ze ondermeer. Of is het juist andersom en voelt de burger zich alleen in zaken, waar deze politie en justitie eigenlijk behoren op te treden. Dan krijg je wel een neerwaartse spiraal. Deze zogenaamde criminologe verwisselt oorzaak en gevolg. Ik verbaas me echt over de zwakzinnigheid van zo"n conclusie. Het maakt me echt boos.

Confestatum (14-01-2004, 08:41:15 uur)

De bal terugleggen bij de burger vind ik flauw. Het optreden van politie en justitie is pas recentelijk iets slagvaardiger geworden, rijkelijk laat dus.
We hebben jarenlang een cultuur gehad waarin zorg voor de zwakke verward met het de hand boven het hoofd houden van herrieschoppers en criminelen. In combinatie met laksheid en onverschilligheid heeft dat tot ontsporing geleid. Gelukkig maar dat er nog steeds zoveel wel goed gaat.

Van bovenstaande combinatie plukken we nu de wrange vruchten.
Aan politie en justitie om het vertrouwen van de burger te herstellen, en zich te verbergen achter allerlei smoezen en dooddoeners.

joop moerkens (14-01-2004, 09:57:21 uur)

De conclusie van Rood dat de "sleutel bij de burger" ligt is absurd. Het veiligheidsbeleid, het terugdringen van geweld, meer blauw op straat en harder optreden door de politie met meer bevoegdheden is op niets uitgelopen en nu moet de burger het verder maar oplossen.
De belangrijkste reden waarom burgers het op het vlak van sociale controle meer en meer laten afweten is dat hen de moed in de schoenen zinkt. Wat moet je als de politie er al niet in slaagt boefjes en boeven te vangen. En wat moet je als de politie je adviseert om geen aangifte te doen omdat de politie jou niet tegen repressailles kan beschermen.

Kees van Oosten / Utrecht (14-01-2004, 10:02:08 uur)

Ik deel de ergernis van Confestatum. Het is inderdaad prietpraat wat deze doctor debiteert. Je kunt trouwens sowieso vraagtekens zetten bij het nut van criminologie. Een jaar of tien geleden verklaarde een criminoloog op tv, dat het met de onveiligheid in Nederland wel meeviel. In de tweede wereldoorlog was de onveiligheid immers veel groter. Vanaf dat moment heb ik criminologie afgeschreven als serieuze wetenschap en mevrouw Rood-Pijpers onderstreept alleen maar deze conclusie. Wie jarenlang roept dat het allemaal wel meevalt en dat de klagers alleen maar reactionairen zijn, die moet nu niet verbaasd vaststellen dat "de burger" weg kijkt. Je vraagt je inderdaad af hoe mevrouw Rood-Pijpers ooit heeft kunnen promoveren?
cor wijtvliet (14-01-2004, 10:04:21 uur)

Het lijkt me dat mevr. Rood de spijker op zijn kop slaat. Het is geen oplossing om op iedere hoek van elke straat een agent te zetten. Zolang burgers elkaar niet aanspreken op wangedrag gebeurt er niets. En ja: dat begint dus al bij elkaar niet groeten in de lift, en de buitendeur dichtgooien terwijl er net een andere bewoner komt aanlopen.
Overigens wordt ik pas echt boos van het rechtse geleuter zonder na te denken van Confestatum, die zo laf is zich achter een schuilnaam te verhullen. Waarom plaatst de redactie dit soort onzin eigenlijk?

Sybrand Bakker (14-01-2004, 10:06:55 uur)

Nee, Confestatum, Dr Rood-Pijpers zegt niet dat een slachtoffer zich het misdrijf laat overkomen! Ze zegt dat wij, als Nederlanders, het toenemen van geweld ons laten overkomen. Dat is iets anders pak je leesbrilletje en lees het nog eens rustig over. Iedereen wijst gelijk naar de ander, de staat, de opvoeding, de lage straf, maar niemand spreekt zijn medelander aan op vreemd gedrag. Noch binnen het gezin, noch op straat of op school. En je hoeft maar rond te lopen om te zien dat dat klopt. De andere kant is dat er gevaarlijk snel uiting wordt gegeven aan agressie, en dat alleen al de verkeerde persoon op straat aankijken kan leiden tot een rel. En toch moeten we daar waar we kunnen geen schroom hebben, en tonen wie we zijn en hoe we willen leven. "Hoe ik vandaag ben, wordt bepaald door wat ik in het verleden deed of dacht; wat ik vandaag doe of denk bepaalt hoe ik morgen zal zijn. We bepalen zelf hoe we zijn en willen worden." En met zijn allen kunnen we zo een gemeenschap vormen.
onno (14-01-2004, 10:22:27 uur)

De Nederlander vindt de samenleving steeds crimineler worden is dit feitelijk ook zo?. Door dit negatief te waarderen vraagt men om correctie en het probleem zou zijn dat deze correctie onvoldoende vanuit de daarvoor in het leven geroepen instanties komt politie en justitie. Ik sluit me aan bij dr. Elly Rood-Pijpers. Is het niet zo dat het wetboek een voortvloeisel van overeenkomsten is die in eerste instantie vanuit de burgers zelf komen. Politie en justitie zijn organen die expliciet in het leven zijn geroepen om deze afspraken te bewaken. Het zijn niet deze apparaten die ons wetten opleggen en daarmee volledige verantwoordelijkheid voor de veiligheid dragen. Nee, de burger zelf bepaalt waar controle op plaats vindt, de politie en justie voeren uit. De verantwoordelijkheid ligt bij de burger zelf. Slechts op de uitvoering van de controle kan men kritiek hebben. Het is het afschuiven van verantwoordelijkheid, hier moet de burger zich bewust van zijn.
Paul Weststeijn (14-01-2004, 10:49:16 uur)

De reactie van Confestatum is pas zwakzinning en bovendien nog leugenachtig ook. Hij legt mevr. Rood woorden in de mond, die ze niet gebruikt heeft.
Schaalvergroting en gebrek aan sociale controle zijn de oorzaken. Het klinkt al jaren bekend in de oren. Helaas deel ik het pessimisme van dit onderzoek. Onder andere daarom woon ik niet meer in Nederland.

M.Nieuweboer (14-01-2004, 10:55:23 uur)

De Nederlandse samenleving is steeds crimineler geworden, maar de burger weet niet hoe hij daarmee moet omgaan. Volgens criminologe dr. Elly Rood-Pijpers moeten burgers beseffen dat dat de sleutel bij henzelf ligt. De sleutel tot wat?
Waarden, normen, regels, beschaving, wederzijds respect, solidariteit, veiligheid, thuis-, gemeenschaps- en wij-gevoel maakten deel uit van een cultuur die plaats moest maken voor een maatschappelijk experiment in multiculturele maakbaarheid die in de praktijk anders uitpakte dan voorgespiegeld. En dan zeggen politici, opinieleiders en wetenschappers tegen de burgers: Zoek het verder zelf maar uit. En zij zeggen er zelfs niet bij waar die sleutel ligt.
In ieder geval niet in de economie en nóg meer materiële welvaart, mobiliteit, pluriformiteit globalisering en grenzenloosheid. Geen land kan veiligheid bieden zonder een gemeenschappelijke samenlevingscultuur als maatschappelijk richtsnoer en sociaal bindmiddel tussen burgers en bevolkingsgroepen.

Robert van Waning (14-01-2004, 12:11:20 uur)

De andere kant van de medaille van "Niet-ingrijpen" is dat iedereen zijn of haar gang kan gaan. Dat laatste was het populaire credo van de afgelopen jaren.
Een ander voordeel van "niets doen" of: pappen en nathouden is dat niemand verantwoordelijk is. Erg populair bij onze overheid incl. justitie.
Ga in Nederland maar eens je nek uitsteken, hoofd boven het maaiveld, wel-ingrijpen...
Hoon, geweld en onbegrip zijn je deel. Lees de verhalen van buschauffeurs en conducteurs maar.
Ondertussen voelt iedereen zich machteloos.
Wie doorbreekt deze cirkel?

Adriaan (14-01-2004, 12:28:48 uur)

Dr. Elly Rood-Pijpers , Amen. Door jarenlang met een grote boog om de probleemjongeren heen te lopen en achteraf wat binnensmonds te mopperen, hebben wij deze jongeren de gelegenheid gegeven een zelfbeed te creeeren wat hun Machogedrag alleen maar stimuleert, wanneer er dan iemand de moed heeft hun op hun fout gedrag te wijzen of weigert op hun eis in te gaan slaan bij sommige de stoppen door. EEN MINUTE STILTE IS NIET GENOEG. oftewel die pet past ons allemaal.
sjaen (14-01-2004, 12:31:15 uur)

Het probleem is dat het vertrouwen in de samenleving elkaar vertrouwen al jaren weg is. Nederland is dus nog altijd een samenleving in overgang. En zolang je elkaar niet vetrouwt, volgt formalisatie. In jargon: juridiseren. Dit probleem is overigens niet uniek voor Nederland, denk ik. Robert Putnam heeft daar in "Bowling Alone" een heel aardige Amerikaanse studie over geschreven. Als je minder naar clubs gaat, minder aan vrijwilligerswerk doet, minder naar de krant schrijft, in het algemeen je minder inzet, tja, dan valt de boel uitelkaar. Daar, maar dus ook hier. En hoe je dat oplost? Dat weet ik niet. Maar ik ben het met het artikel eens dat de sleutel bij de burger zelf ligt.
Klaver (14-01-2004, 12:38:22 uur)

Ik zal me een stuk veiliger voelen wanneer Dr. Elly Rood-Pijpers stopt met haar gebroddel in de criminologie en tulpen gaat kweken.
Dirk Bontes (14-01-2004, 12:46:07 uur)

Een belangrijke conclusie van mvr. Rood is "We zouden toe moeten naar een overzichtelijke leefsituatie". Dat is natuurlijk niets nieuws, maar er wordt sinds mensenheugnis geen rekening mee gehouden; steeds grotere scholen, steeds grotere woonwijken Vinex, steeds grotere multi-nationale bedrijven, steeds meer mensen. Laten we met zijn allen hier eens een punt van maken en een economisch systeem gaan hanteren wat niet op groei is gebaseerd, maar op stabiliteit en continuiteit. Komt het misschien toch nog goed in het klein Inbraak en in het groot Irak
Ruud (14-01-2004, 13:25:45 uur)

Volgens mij heeft mevrouw Rood-Pijpers grotendeels gelijk en ligt veel aan gebrek aan sociale controle en gemeenschapszin. Maar die wordt de burger feitelijk afgenomen, want als deze ingrijpt, kan hij eerder straf verwachten dan de crimineel die hij belette zijn misdaad uit te oefenen. Dit imago van de overheid, plus het veelgehoorde: "voor je het weet heb je een mes in je rug" zorgt ervoor dat mensen liever de andere kant opkijken. En aangezien criminelen lafaards zijn, wordt het ze zodoende erg makkelijk gemaakt.
Karlsson (14-01-2004, 14:10:24 uur)

De sleutel ligt inderdaad bij de burger, maar als het Openbaar Ministerie partij kiest voor een burgermeester of Haagse politicus die de Grondwet & andere Nederlandse wetten niet uitvoert...heb je als burger geen enkel recht meer. Kan je als burger niet afdwingen dat bewindspersonen die trouw zweren aan de Gw ook strafrechtelijk vervolgd worden, wanneer zij hun gelofte niet uitvoeren..ben je zelf gedwongen toe te kijken in probleemssituaties. Of je moet eerst een oorlog te voeren tegen gemakszucht & machtsmisbruik van het OM bij het Gerechtshof in je woonplaats.
Het rechtssysteem is zodanig ingericht dat het OM & Rechter automatisch partij kiezen voor de bewindspersoon.

desiree (14-01-2004, 15:06:04 uur)

De misdaad is met honderden procenten gestegen, aldus korpschef Welten in Trouw van vandaag. En nog beweren criminologen als mevrouw Rood met droge ogen dat het onveiligheidsgevoel van de burger niet zozeer samenhangt met de criminaliteitssituatie. Harchaaoui wijt onze onveiligheidsgevoelens aan de media- aandacht.
Vreemde conclusie wanneer een derde van de bevolking verleden jaar getroffen werd door criminele handelingen. Ook zonder de media kent iedereen wel iemand in zijn omgeving die slachtoffer van crimineel gedrag is geweest. Aan de borreltafel was de toename van de misdaad al decennialang bekend. Maar wie zich onveilig voelde, las volgens de media de verkeerde krant. Door het ontkennen van de opmars van de misdadigheid, vooral door links, is de aanpak van de misdaad jarenlang verwaarloos. Mevrouw Rood verlangt van de burger handelend optreden, maar wie durft er nog wat van wangedrag te zeggen nu de maatschappij dusdanig is verruwd dat er meteen klappen vallen ?

kremer (14-01-2004, 15:45:54 uur)

Het is triest om te zien hoeveel mensen - confestatum voorop - zelf geen enkele verantwoordelijkheid nemen voor hun aandeel in de maatschappij. Die verketterde slogan: "De maatschappij, dat ben jij" was zo slecht nog niet.

Ik denk dat het gedoogbeleid in Nederland een grote mislukking is geworden.

Gister zei een schooldirecteur het al in NOVA: Als je regels stelt, moet je er ook voor zorgen dat ze nageleefd worden. Door leerlingen, maar ook door leraren.

Als er een rookverbod is, moeten er dus ook geen stiekem rokende leraren zijn. En als je wil dat leerlingen op tijd komen, dan moeten leraren ook op tijd komen.

En zo moet het ook in de maatschappij gaan. We moeten grenzen stellen en die mogen best tolerant ruim zijn, maar als die overtreden worden moet er ook consequent gestraft worden.

Dus: niet zeuren als je met 3 km/u te hard gepakt wordt, en ook niet zeuren als je met 3 gr cocaine of 6 gr hash 1 gr teveel de cel in gaat.

Nep Karel (14-01-2004, 16:46:33 uur)

Ik vind dat criminologen een praatjes maar eens een tijdje voor zich moeten houden. Dit soort gestudeerde types dragen een zware verantwoordelijkheid voor de "intellectuele" onderbouwing van het huidige dysfunctionerende rechtssysteem. Men weet het altijd beter dan de burger. Vroeger was er zogenaamd geen probleem en kwamen de klachten uitsluitend voort uit de rechtse onderbuik gevoelens van de burger. Dr. Elly komt weer met het verhaal dat de burger de weg kwijt is en dat zijn/haar gevoelens het probleem is. Probleem is dat de burger niet ondersteund wordt door de overheid en als ze zelf ingrijpt zwaarder gestraft wordt dan de dader.

Johan Sterk (14-01-2004, 18:49:02 uur)


OM mag straf opleggen
ANP Volkskrant 06.02.04

DEN HAAG - Officieren van justitie gaan straffen opleggen. Om de druk bij de rechtbanken weg te nemen krijgen de officieren de bevoegdheid geldboetes, een ontzegging van de rijbevoegdheid van maximaal een halfjaar en een taakstraf van hoogstens 180 uur op te leggen. Dat heeft het kabinet vrijdag besloten.


De nieuwe regeling is alleen van toepassing op delicten waar een gevangenisstraf van ten hoogste zes jaar op staat, onder meer vernielingen, winkeldiefstal en rijden onder invloed. Het Openbaar Ministerie mag echter geen celstraffen opleggen, dat blijft voorbehouden aan de rechter.

Door de invoering van het wetsvoorstel is het OM straks niet meer afhankelijk van de medewerking van een verdachte. Nu is het zo dat na vele tussenstappen een zaak uiteindelijk voor de rechter komt als de verdachte een transactie niet betaalt. Daar komt verandering in. Als de verdachte weigert te betalen, kan het OM zelf het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB) inschakelen om de boete te innen. Verder moet een verdachte die het niet eens is met de strafbeschikking van het OM en wil dat een rechter naar zijn zaak kijkt, daar zelf het initiatief voor nemen.

Uit berekeningen van het ministerie van Justitie blijkt dat het OM ongeveer 44.000 kantonzaken en 21.000 rechtbankzaken die in 2002 voor de strafrechter zijn gekomen, met de nieuwe maatregel had kunnen afdoen.

Ook de politietransactie wordt omgezet naar een strafbeschikking, wat inhoudt dat het karakter en de gevolgen van een opgelegde boete veranderen. Als iemand een boete accepteert, moet hij ook betalen. Doet hij dat niet, dan staat het CJIB bij hem op de stoep. Het gaat in dit geval onder meer om zwaardere verkeersovertredingen, openbare dronkenschap en het verkopen van spullen op straat zonder vergunning.

De Raad voor de Rechtspraak is in principe niet tegen buitengerechtelijke afdoening, maar ziet niet dat rechters 'ineens enorme ruimte krijgen in het afdoen van zaken', aldus een woordvoerster. 'In zekere zin levert het wel een ontlasting op, maar de effecten zijn gematigd.'

 
Parket mag straf gaan opleggen
Donner laat principe vallen dat slechts rechter toekwam
van onze redactie politiek
Trouw  2004-02-07

DEN HAAG - Het openbaar ministerie (OM), in de persoon van de officier van justitie, krijgt de bevoegdheid om zelfstandig, buiten de rechter om, straffen op te leggen. Als een burger daartegen niet in verzet komt, erkent hij daarmee schuld aan het voorgevallene en staat de straf vast.
Dat is de strekking van een wetsvoorstel van minister Donner (CDA) van justitie, waarmee de ministerraad gisteren heeft ingestemd. Vrijheidsstraffen vallen buiten het wetsvoorstel. Het opleggen daarvan blijft de exclusieve bevoegdheid van de rechter. Maar Donner laat met zijn voorstel wel het principe los dat alleen een rechter de schuld van een verdachte mag vaststellen en een straf mag opleggen.

Nu al kan het openbaar ministerie een burger die de wet overtreedt een transactie aanbieden. Dat gebeurt honderdduizenden keren per jaar. Door het betalen van de boete voorkomt de burger vervolging en bestraffing. Het OM kan ook een taakstraf aanbieden, van maximaal 120 uur. Als de burger niet reageert op het aanbod, is de officier van justitie verplicht de zaak voor te leggen aan de rechter.

In het nieuwe systeem wordt dat omgedraaid én krijgt het OM meer sanctiemogelijkheden. Naast de boete (waarvan de hoogte afhangt van de ernst van het delict) kan de officier ook voor hoogstens zes maanden iemands rijbewijs innemen. Het maximum van de taakstraf gaat van 120 uur naar 180 uur.

Als het openbaar ministerie een strafbeschikking heeft uitgevaardigd heeft de burger twee weken bedenktijd. Tekent hij binnen die termijn geen protest aan, dan staat de straf -en daarmee ook de schuld- vast.

De nieuwe regeling geldt voor alle delicten, zo lang er maar niet meer dan maximaal zes jaar cel op staat. Maar het openbaar ministerie zal de strafbeschikking in het algemeen toepassen bij de meer eenvoudige zaken. Te denken valt bijvoorbeeld aan vernieling, winkeldiefstal, rijden onder invloed, doorrijden na een aanrijding.

Donner wil ook de boetes die politiefunctionarissen kunnen opleggen omzetten in strafbeschikkingen. Het gaat daarbij om maximaal 350 euro.

Een belangrijke reden voor het wetsvoorstel is het ontlasten van de rechters. Rechtbanken en kantonrechters verwerkten in 2002 zo'n 430000 strafzaken. Volgens justitie zouden het er onder het nieuwe regime ongeveer 65000 minder zijn geweest. Het voorstel van Donner gaat eerst voor advies naar de Raad van State, voordat het bij de Tweede Kamer wordt ingediend.

De minister van justitie broedt ook op meer maatregelen tegen het aanhoudende cellentekort. In het Algemeen Dagblad van gisteren heeft hij het over sobere inrichtingen voor het uitzitten van kortere straffen. Bajesboten sluit hij ook niet uit.

Donner schat dat er over drie jaar, ondanks de bouw van nieuwe gevangenissen en het plaatsen van twee gedetineerden op één cel, nog een tekort zal zijn van 1700 plaatsen. Dat komt door meer en langere straffen.

 

Laatste wijziging op: 20-12-2005 00:11